|
Balkcijnzen:
Op perceel nr.
1 rustte een zogenoemde
balkcijns of
ballingcijns. Deze cijnzen zijn in de dertiende eeuw en in
1310 ontstaan door de omslag van de cijnzen voor de gemeint. Dit
wijst er op dat er in 1310 al huizen stonden op deze percelen.
De school (perceel nr. 7):
Dit perceel is niet van de gemeente verkocht, maar is toch in
deze rekonstruktie opgenomen, omdat dit gemeente-eigendom een
school betreft en geen stuk gemeenschappelijke woeste grond. Dit
schoolhuis werd in 1809 door de gemeente gebouwd.
Een cijns aan de hertog van Brabant:
In 1190 werd
een perceel van de gemene gronden gekocht, belast met een cijns
van een halve hoen aan de hertog van Brabant. Omgerekend volgens
de gebruikelijke norm was het oorspronkelijke perceel 200 roeden
groot.
Tussen 1392 en 1418 wordt de cijns opgesplitst in
twee helften van ieder 1/4 hoen, Hg-5.1 en Hg-5.2. Hiervan werd
Hg-5.1 on 1457 opnieuw in twee helften gesplitst van ieder 1/8
hoen, Hg-5.1.1 en Hg-5.1.2.
Hg-5.1.1 rustte in de achttiende eeuw
op Soeracker nr. 33.
Hg-5.1.2 rustte in de achttiende eeuw
op Hostie nr. 19.
Hg-5.2 rustte in de achttiende eeuw
op Soeracker nr. 29.
We nemen aan dat de cijns oorspronkelijk op Soeracker nr. 29
thuis hoorde.
Cijnzen aan de heer van Helmond.
Vanaf 1190 betaalden lieden die een perceel van de
gemeenschappelijke grond voor eigen gebruik kochten daarvoor een
jaarlijkse cijns aan de landsheer. In 1314 gaf de hertog van
Brabant deze cijnzen (met uitzondering van de hoendercijnzen) aan
de Heer van Helmond. Cijnzen voor nieuwe uitgiften na 1314 inde de
hertog hierna weer zelf. Cijnzen aan Helmond werden dus betaald voor in
de periode 1190-1314 uitgegeven percelen.
Hm-35 (oud),
Hm-35 (oud) en Hm-37 (oud) gingen over in Hm-46 (nieuw) (in de
achttiende eeuw rustend op Valstraat nr. 12) en Hm-157 (nieuw) (rustend
op Soeracker nr. 33).
Hm-38 (oud), Hm-39 (oud) en Hm-40 (oud)
gingen over in Hm-157 (nieuw) (rustend op Soeracker nr. 33) en
Hm-192 (nieuw) (rustend op Soerascker nr, 29.
De oudste cijnsbetalers
waren:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-35 (oud):
1406: 2 nieuwe penningen uit het goed t’ Zitart
|
|
Hermanus, zoon van Hermanus van
Bijstervelt
|
Vermeld in 1406
|
|
In 1406-1421 wordt de cijns verdeeld
|
|
|
Hm-35.1 (oud):
Uit het goed ter Zitart, 18 nieuwe penningen
|
Hm-157 (nieuw)
|
|
Hermanus, zoon van Hermanus van
Bijstervelt
|
Vermeld in 1421
|
|
Thomas, zoon van Wilhelmus Johannes
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1465 |
|
De 4 kinderen van Elisabeth, dochter
van Thomas
|
Verwerving in 1465-1498
|
|
Lucas, zoon van Arnoldus Donckers
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1507 |
|
Henricus, zoon van Henricus Roefs
|
Verwerving ná 1507
|
|
Hm-35.2 (oud):
6 nieuwe penningen
|
Hm-46 (nieuw) |
|
Wautgerus, zoon van Hermanus van
Bysterveld
|
Verwervng in 1406-1421, vermeld in 1421 |
|
Rudulphus, zoon van Gerardus van Doeren
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447 |
|
De weduwe van Rudulphus, zoon van
Gerardus van Doeren met haar 6 kinderen
|
Vererving in 1447-1465, vermeld in 1465
|
|
Daniel, zoon van Gerardus Boertkens
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1507 |
|
Belendis, dochter van Daniel, zoon van
Gerardus Boertkens
|
Verwerving ná 1507
|
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-36 (oud):
Uit het erfgoed van Rutgherus van Zitart, 2 nieuwe
schellingen
|
|
Hermanus, zoon van Hermanus van Volkel
van Bijstervelt
|
Vermeld in 1406
|
|
In 1406-1421 wordt de cijns verdeeld
|
|
|
Hm-36.1:
18 nieuwe penningen
|
Hm-157 (nieuw)
|
|
Dezelfde namen als bij Hm-35.1
|
|
|
Hm-36.2:
6 nieuwe penningen
|
Hm-46 (nieuw) |
|
Dezelfde namen als bij Hm-35.2
|
|
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-37 (oud):
12 nieuwe penningen en 2 oude schellingen uit het goed
van Rutgherus van Antwerpen
|
|
Hermanus, zoon van Hermanus van Volkel
van Bijstervelt
|
Vermeld in 1406
|
|
In 1406-1421 wordt de cijns verdeeld
|
|
|
Hm-37.1:
9 nieuwe penningen en 18 oude penningen
|
Hm-157 (nieuw)
|
|
Dezelfde namen als bij Hm-35.1
|
|
|
Hm-37.2:
3 nieuwe penningen en 6 oude penningen
|
Hm-46 (nieuw) |
|
Dezelfde namen als bij Hm-35.2
|
|
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-38 (oud):
9 oude penningen uit het goed Ter Eyken, eertijds van
Katharina van Antwerpen
|
|
Hermanus, zoon van Hermanus van Volkel
van Bijstervelt
|
Vermeld in 1406
|
|
In 1406-1421 wordt de cijns verdeeld
|
|
|
Hm-38.1:
6 ½ oude penningen en 1 oort
|
Hm-157 (nieuw)
|
|
Dezelfde namen als bij Hm-35.1
|
|
|
Hm-38.2:
2 oude penningen en 1 oort
|
Hm-192 (nieuw) |
|
Wautgerus, zoon van Hermanus van
Bysterveld
|
Verwervng in 1406-1421, vermeld in 1421 |
|
Rudulphus, zoon van Gerardus van Doeren
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447 |
|
De weduwe van Rudulphus, zoon van
Gerardus van Doeren met haar 6 kinderen
|
Vererving in 1447-1465, vermeld in 1465
|
|
Arnoldus, zoon van Johannes, zoon van
Leonius
|
Verwerving in 1465-1498
|
|
De weduwe van Arnoldus, zoon van
Johannes, zoon van Leonius, met haar 2 kindern
|
Verwerving in 1465-1507
|
|
De weduwe van Rudolphus met haar 3
kinderen
|
Verwerving ná 1507
|
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-39 (oud) (1406):
8 nieuwe penningen en 1 ½ oort uit het erfgoed van
Wilhelmus van Zichem en van Wautherus, zoon van Yda
|
|
Wilhelmus van Zichem en Wautherus, zoon
van Yda
|
Vermeld vóór 1406
|
|
Hermanus van Volkel
|
Vermeld in 1406 |
|
In 1409 wordt deze cijns verdeeld.
|
|
|
Hm-39.1 (oud):
6 nieuwe penningen en 1 oort
|
Hm-157 (nieuw) |
|
Hermanus, zoon van Hermanus van Volkel
van Bijstervelt
|
Verwerving in 1409, vermeld in 1421 |
|
Thomas, zoon van Wilhelmus Johanness
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in
1465 |
|
De 4 kinderen van Elizabeth, dochter
van Thomas, zoon van Wilhelmus Johannes
|
Verwerving in 1465-1498 |
|
Lucas, zoon van Arnoldus Donckers
|
Verwerving in 1465-1498, vermeld in
1507 |
|
Henricus, zoon van Henricus Roufs
|
Verwerving ná 1507 |
|
Hm-39.2 (oud):
2 nieuwe penningen en ½ oort
|
Hm-192 (nieuw) |
|
Wautgherus, zoon van Hermanus van
Bystervelt de Jonge, genaamd van Bredelaer
|
Verwerving in 1409, vermeld in 1421
|
|
Rodulphus, zoon van Gerardus van Dorren
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in
1447 |
|
De weduwe en 6 kinderen van Rodulphus,
zoon van Gerardus van Dorren
|
Vererving in 1447-1465, vermeld in 1465
|
|
Arnoldus, zoon van Johannes, zoon van
Loyen
|
Verwerving in 1465-1498
|
|
De weduwe en 2 kinderen van Arnoldus,
zoon van Johannes, zoon van Loyen
|
Vermeld in 1507
|
|
De weduwe en 3 kinderen van Rodulphus
|
Verwerving ná 1507
|
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-40.1 (oud) (1406):
4 nieuwe penningen uit het erfgoed van Egidius Happen
(Happonis)
|
|
De kinderen van Hermanus, zoon van
Hermanus van Bijstervelt de Jonge
|
Vermeld in 1406
|
|
In 1409 wordt deze cijns verdeeld.
|
|
|
Hm-40.1.1 (oud):
2 nieuwe penningen
|
Hm-157 (nieuw) |
|
Dezelfde namen als bij Hm-39.1 (oud)
|
|
|
Hm-40.1.2 (oud):
2 nieuwe penningen
|
Hm-192 (nieuw) |
|
Dezelfde namen als bij Hm-39.2 (oud)
|
|
|
Hm-40.2 (oud): 6 nieuwe penningen en 2 oort
|
|
|
De kinderen van Hermanus, zoon van
Hermanus van Bijstervelt de Jonge
|
Vermeld in 1406
|
|
In 1409 wordt deze cijns verdeeld.
|
|
|
Hm-40.2.1 (oud):
3 nieuwe penningen en 1 oort
|
Hm-157 (nieuw) |
|
Dezelfde namen als bij Hm-39.1 (oud)
|
|
|
Hm-40.2.2 (oud):
3 nieuwe penningen en 1 oort
|
Hm-192 (nieuw) |
|
Dezelfde namen als bij Hm-39.2 (oud)
|
|
Het totale cijnsbedag van deze cijnzen was 48 nieuwe penningen +
3 1/2 nieuwe oort + 33 oude penningen. Omgerekend volgens de
gebruikelijke norm waren de oorspronkelijk uitgegeven percelen
samen 8 bunder + 79 roeden groot. In 1406 was al dit goed in een
hand.
Verder verhuisde
een cijns van Hamsvoorts Brugje nr. 3
en een deel van de cijns op Hamsvoorts Brugje nr. 6 op een
gegeven moment naar Soeracker nr. 29 . Vermoedelijk
gebeurde dat in de periode dat Aert Gerardt Adriaens dit perceel
in bezit had, dat was in de tweede helft van de 17de eeuw. Aert
was gegoed op de Soeracker en via zijn vrouw ook gegoed op
Hamsvoort. Deze cijns rustte oorspronkelijk dus niet op een
perceel op Soeracker.
Conclusie:
Als we
de latere uitgiften langs de randen buiten beschouwing laten,
dan was het oppervlak van het hier besproken gebied 8 bunder +
200 roeden groot. Het gebied afgedekt door de cijnzen aan de
heer van Helmond (uitgiften 1190-1314) was 8 bunder + 70
roeden groot. We nemen daarom aan dat het hele hier besproken
gebied in de periode 1190-1314 van de gemeint gekocht is. Het
verschil van 130 roeden kan verklaard worden door
onnauwkeurigheden in de landmeting en door kleine uitgiften
langs de rand die onder onze radar gebleven zijn. |