|
|
Naam:
|
Agterste Dor(s)hout |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Agterste dorshout [Hs- (1675)]
hoy
agterste dorshout en Jan Willemsbeemt [GVE12-47 (1778)]
in
het achterste dorshout [N (1846)]; A 865 (w: 22.47.90).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging in de Amert "achter" (van het dorp uit gezien)
het Dorshout. Benoeming naar de
ligging. |
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 9, 13, 14
|
|
Opmerkingen:
|
Vanaf de kerk van Veghel en het Hoogeind gezien was dit
het achterste deel van het Dorshout, of Dorshout. Het
hele hier besproken gebied werd tot het Dorshout
gerekend, meer specifiek het Achterste Dorshout.
|
|
Naam:
|
Agter het Hout |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Beemtjens teynde 't hout [GVE12-187 (1777)]
't
hout in het Dorshout [N (1885)]; A 997 (ho: 39.30)
Het
achterste hout [N (1836)]; A 1013 (b en w: 82.10)
't
achterste hout [V.-]; A 1013, 1019-1022 (b en w:
3.45.40).
Het
voorste hout [N (1836)]; A 1009 (b en w: 29.80).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Benoeming naar de begroeiing, het perceel zal eens met
geboomte begroeid zijn geweest.
Hout
"bos" (M.Top. Valk. -110). De percelen "het achterste
hout" en "het voorste hout" maken het waarschijnlijk,
dat 't Hout meerdere percelen omvatte. Misschien kan het
toponiem ook gezien worden als een korte vorm voor het
Dorshout.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 13-15 |
|
Opmerkingen:
|
Het Hout is identiek aan het Cruysbroeren Hout. Dit
“hout” ofwel bos, stond eertijds op perceel nr. 16 en
was eigendom van de Bossche Kruisbroeders.
|
|
Naam:
|
Agter Cruysbroeren Houdt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Van
vissersbempt achter cruysbroedershout [HHI63-51
(1714-1783)]
1
muds houtvelt genaamt cruysbroederen hout, aen het lege
dorhout [Dom.-171 (1731-1756)]
hoy
int dorshout agter cruysbroerenhout [GVEI2-260 (1778)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging in het Dorshout. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 12
|
|
Opmerkingen:
|
Dit “hout” ofwel bos, stond eertijds op perceel nr. 16
en was eigendom van de Bossche Kruisbroeders. In 1657
behoorde tot de Cruysbroeren Hoeve: deel
Visser, nr. 16 en 18, deel Elshorst, nr. 8a, 8b, 10, 12,
13, 17 en 18, deel Kruisbroeders, nr. 5 en 10.
|
|
Naam:
|
Agterste Velt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Agterste velden met de berkvelden [GVEI2-186 (1778)]
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging. Benoeming naar de ligging.
Veld
betekent primair: open, onbebouwd terrein en was dus een
synoniem van heide, gemeente, enz. Vandaar kreeg velt de
sekundaire en thans gangbare betekenis van “een perceel
akkerland” al dan niet uit een groter komplex en werd in
die zin een konkurrent van akker (Top. Valk. -250)
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
In de middeleeuwen was ‘veld’ het meest algemene woord
voor ongecultiveerde of woeste grond. Dit ‘veld’ was
toegankelijk voor het grazende vee. In hoofdzaak betrof
het de open heidevlakte begroeid met erica = droge heide
of met dop- of hommelheide = natte heide. De primaire
betekenis is geweest: heide, onbebouwde vlakte. Onder
een heideveld verstond men een perceel heidegrond in
particulier bezit dat eens tot de gemeynt behoord had.
Ons inventarisatieproject toont aan dat ‘veld’ in zeer
veel combinaties voorkomt, vergelijkbaar met het element
‘akker’. (Buiks 1990:44; Gijsseling 1954:1;Mennen
1992:53; Molemans 1976:1588.)
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 16
|
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Amer, aen den Naemer |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
In loco dicto den amer [Hs-9 )+/- 1385)]
op gheen amer [Hs-6 (+/- 1390)]
ad locum dictum die namer [Hs-144 (+/- 1500)]
eenen aabeempt ad locum dictum dem amer [Hs-6
(1519-1538)]
eenen aabeempt in den amer aan de aa [Mrv30-123 (1530)]
in den aemer [GSO-262 (1617)]
hoij en landt in den amer [GVE12-168v (1777)]
de amert [kad. (1832)]; N (1836, 1864, 1871, 1879, 1884,
1894); V.]; A 665 (w: 69,80) 865, 865 (w: 22.47.90),
936-978 (b: 5,94.29, w: 7.49.60, og: 1.09.18, hu: 7.92,
tu: 5.50), 986, 987 (b: 69.70, og. 10.40)
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
De naam is momenteel (1955) nog bekend voor moerassig
land op Dorshout. Uitgangspunt is het germ. + ami-. Dit
germ. + ama, mnl. + ame, is overgeleverd in Amestelle,
Amstel. Daarnaast is germ. + ami, mnl. + e. bewaard in
de naam Eem, die aan verschillende wateren toekomt.
Korte namen lenen zich bijzonder voor uitbreiding met
suffixen en zo ontstond naast “eem” met s-suffix, een
verlende vorm “eems”. (In de klassieke overlevering
Amisia). Op soortgelijke wijze ontwikkelde zich met een
–r suffix een germ. + amra, Hamer. Een Zuidnederlands
(h)amer is door Lindemans verklaard als “nat land op de
oever van een beek”. (Hs-6)
Gebied liggend aan de noordzijde van (het) Dorshout. Ook
een perceel onder Eerde of Everse (Sint-Oedenrode),
waarvan de ligging onduidelijk is, draagt de
waarschijnlijk verwante naam “aemer”. Deze verklaring
lijkt zeer plausibel, omdat de Amert bij Dorshout
laaggelegen is en ook het gebied tussen Eerde en Everse
plaatselijk drassig is, er lagen voorheen enkele grote
vennen.
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
In
de literatuur zijn diverse verklaringen van ‘amer’ te
vinden. De meest waarschijnlijke lijkt: nat land op de
oever van een beek. Ook komt in aanmerking ‘werf langs
een rivier’ of ‘aanlegplaats van schepen’. In oorsprong
zou het woord verwant zijn aan ‘ambra’ = nevel, water,
rivier of ‘amra’ afgeleid van ‘ama’ met het suffix -ra,
de naam van een natuurlijke waterloop. Eem en Amer zijn
misschien wel wisselvoren voor hetzelfde water, vgl.
in Duitsland Ammer en Emmer. Oudere vormen als Ambra [amb
- ara] wijzen op Keltische of nog oudere afkomst.
(Lindemans 1952; Buiks 1990:87; Gottschalk 1984:245;
v.Berkel & Samplonius 1989:19; Moerman 1956:24,28;
Buiks & Leenders 1993 dl.5:636; Künzel 1988:66.)
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 3, 8-12, 25 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Amerbeemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Hoij
in den amerbeemt [GVEI2-185 (1777)]
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
-
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 3, 8-10 |
|
Opmerkingen:
|
Beemd gelegen in of bij een gebied dat Amer genoemd
werd.
|
|
Naam:
|
Berkvelden |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Agterste velde met de berkvelde [GVE12-186 (1777)];
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging onbekend. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 16 |
|
Opmerkingen:
|
Perceel begroeid met berken. Hetzelfde perceel heette
ook wel ’t Hout of Cruysbroeren Hout.
|
|
Naam:
|
Breugels Amer |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Het
eerste rot bestaende in 18 huysen beginnende in
breugelen amer [GVB28 (± 1700)]
breugels amer [GVIIE13 (1792)]
breugels amer [N (1845)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Dit
perceel valt kadastraal weliswaar onder de Dorshoutse
Beemden, maar behoorde vanouds tot het gebied de Amert
in het Dorshout, het eerste lid zal een persoonsnaam
zijn vgl. Marie, Mathijs Lucas van Broegel, 1447.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 3, 8-10 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Dorshout |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Retro locum dictum Dorhout, campus hoge Dorhout
[BPl176-366v (1385)]
in
dat Dorhout aan die Aa [BP1197-86 (1426)]
scragenbeemt aen Dorhout [BP1268-37/37v (± 1500)]
int
dorhout [HH-147 (1621-1691)]
het
dornhout [Mrv91-12v (1719)]
hertgang Dorshout en Eerd [GVE12-185 (1778)]
het
Dorshout [kad. (1832)];A 1008-1140
Dorhout bouwmanswoning etc. en arbeiderswoning genaamd
Puttenburg, gelegen in de
Knokert, de Nieuwe Kopen, Amert, Dorshout de Putten [N
(1852)]; A 803, 826-829, 872, 909, 910, 915, 916, 936,
937, 1093, 1100-1104, 1137, 1371-1464 (hu: 08.20; tu:
01.92; ho: 2.15.50; hh: 04.60; og: 74.60; b: 5.20.90; w:
5.72.83).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Bekende buurtschap in Veghel, die zich vanaf de
Oranjewijk noordelijk langs de Aa
uitstrekt, tot aan de Amert en de Knokert. Ook benaming
voor een boerenwoning ter
plaatse (anno 1852). Anno 1927 was Dorshout bovendien de
naam voor de huidige
N.C.B. -laan. Dorshout is een nog bekende naam. Het
eerste element kan droog en dor
betekenen, maar ook dwars. Hout "bos" (M.Top. Valk.
-110).
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
Hout, en op andere plaatsen in ons land ‘holt’, komt
veel voor in toponiemen, zowel in nederzettings-,
gehucht- als veldnamen. Men kan dan denken aan rooiingen
van bossen van hoog opgaand hout. Vanaf de 13de
eeuw zouden de hout- en lo-namen verdrongen worden door
de bosnamen.
Buiks 1990: 86; Molemans 1976: 521; Buiks 1988 dl.24:
44; Buiks 1983 dl.4: 4; Verdam 1932: 260; v.Passen 1961;
Buiks & Leenders 1993 dl.3: 225, dl.4:422.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 1-4, 8-10, 12-16, 20-27 |
|
Opmerkingen:
|
Het hele hier besproken gebied werd tot het Dorshout
gerekend, meer specifiek het Achterste Dorshout.
|
|
Naam:
|
Jonckers Camp |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Jonckerscamp, eert [RAV158-167 (1736)]
in
het dorshout in jonkerskamp [N (1822)]
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging in het Dorshout en onder Eerde. Het
eerste lid is een persoonsnaam of
verwijst naar een eigenaar die de titel Jonker droeg
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 25
|
|
Opmerkingen:
|
Dit perceel werd in 1668 van de gemeente gekocht. Het
was in de tweede helft van de zeventiende eeuw enige
tijd eigendom van Joncker Lambrecht van Gerwen de
Millinck
|
|
Naam:
|
Kerckenbeemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam op meerdere platsen
in Veghel, onder andere:
het
dorshouts roth beginnende int kerckenbeemtje [GVIIB28 (±
1700)]
de
kerken beemd [N (1835, 1879), V.-]; A 992-996 (ho:
2.24.40), 993 (ho: 37.70), E 1122 (w: 1.10.90), 1122a
(b: 19.80)
het
kerke beemdje in de Amert [N (1885)]; A 993 (ho: 37.70).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Verspreide ligging. Benoeming naar de eigenaar.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 13-15 |
|
Opmerkingen:
|
Perceel nr. 15 was in 1702-1832 (en eerder en later)
eigendom van de kerk van Veghel. |
|
Naam:
|
Coppens Velt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Coppensvelt [GVE12-187 (1777)] |
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging. Het eerste lid is een persoonsnaam
Koppens, die in Veghel en
omstreken algemeen voorkomt.
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 18
|
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Nieuwen Camp |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert dit toponiem op meerdere plaatsen
in Veghel.
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Benoeming naar het (recente) tijdstip van ontginning /
ingebruikname. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 25 |
|
Opmerkingen:
|
Dit perceel werd in 1668 van de gemeente gekocht.
|
|
Naam:
|
Visser |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Ex
visschersbeemt [HH133-7v (1507)]
Prati siti in dea parrochia de vechel ad locum dictum
opten amer dicti den vysscher
[GVIDI
(1532)]
een
hoeijbemd genampt den visscher [N (1653)]
in
den amer tot de graeff toe van vissersbeemt [GVIIB28 (±
1700)]
van
vissersbempt achter cruysbroeders hout [HH163-51
(1714-1783)].
halff hoy in de visser [GVE12-150v (1778)]
de
visser [N (1836, 1838, 1842, 1846, 1847, 1848, 1884)]; A
789 (ho: 38.40), 790 (ho: 79.20), 791 (ho: 33.00), 792
(ho: 70.10), 979 (ho: 43.90), 981 (ho: 82.10), 989, 990
(ho: 78.30), 1066 (ho: 39.60).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging in de Knokert. Benoeming naar een persoonsnaam
de Visser, Vissers, die in
Veghel zeer algemeen is. Of kan er een samenhang zijn
met het kweken van vis of het
beoefenen van de visserij, de percelen liggen dichtbij
de Aa.
Onbekende ligging nabij of identiek met de Visser. Het
eerste lid zal een persoonsnaam
zijn
(zie visser). Het toponiem vissersbeemd is volgens de
gegevens aanmerkelijk ouder
dan
het toponiem de visser; wellicht is de laatste
voortgekomen uit de eerste.
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
ex prato d. visghersbeemt (1421, Cijnsregisters Helmond)
Verwijst naar viswater of het kweken van vis in vennen
of weijers [= vijvers], wat in de middeleeuwen werd
toegepast. In de middeleeuwse samenleving werd vis veel
gegeten in plaats van vlees. Ook wordt er op gewezen dat
er een mnl. ‘visse’ bestaat, wat bunzing betekent. Dit
dier leeft vooral van knaagdieren, zoals muizen, ratten
en konijnen. Het leger van de bunzing is te vinden in
een holle boom, onder een musterdtas, in een droge sloot
etc. In de wintermaanden leeft de bunzing dichter bij de
menselijke bewoning dan in de zomermaanden. Bekend is
ook de beroepsnaam en de familienaam de Visser en
Vissers.
Buiks 1986 dl.16:114; Buiks 1986 dl.2:150.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 1-2. Ook deel Amer, perceel nr. 11
|
|
Opmerkingen:
|
Uit het cijnsboek van Helmond blijkt dat dit perceel is
genoemd naar
Johannes Vissers (Piscatoris) (vóór 1406). In
1421 heette dat perceel vervolgens "Vischers beemt".
|
|