|
De tiendklamp:
Op
de kaart hiernaast is een oude tiendkaart op de kadasterkaart
van 1832 geprojecteerd. De percelen binnen de grenzen van de
tiendklamp behoorden tot de oude tienden en de percelen buiten
de grenzen tot de nieuwe tienden of novalia. De nieuwe tienden
waren veelal percelen die pas na rond 1650 aan particulieren
verkocht waren.
Het gebied binnen de tiendklamp was
ongeveer 4 1/2 bunder groot en rond 1650 dus al in particuliere
handen en het gebied buiten de tiendklamp was rond 1650 nog
gemeentegrond.
De uitgifte van
1446:
Perceel nr. 7 was in de zeventiende en
achttiende eeuw belast met een cijns afkomstig van de uitgifte
in 1446 van 4 bunder grond gelegen in Veghel bij de Coevering.
Deze cijns rustte minstens vanaf 1620 op perceel nr. 7. We nemen
aandat het in 1446 uitgegeven perceel overeen komt met de
tiendklamp, dat is een deel van perceel nr. 7 en perceel nrs,
12, 14-17.
Perceel nr. 9:
Perceel nr. 9 wordt in
1764 genoemd als belendend van perceel nr. 10. In het
verpondingsboek van 1785 wordt perceel nr. 9 genoemd in een
lijst van percelen of nieuwe uitgiften waaruit nog geen
verponding betaald werd. In 1728 waren de niet belastte percelen
ook al eens op een rijtje gezet en belast. Perceel nr. 9 werd in
1728 nog niet genoemd. Dit perceel zal dus tussen 1728 en 1764
van de gemeente ingenomen zijn. Dit uitgiften van deze perceel
werd niet teruggevonden in de Veghelse archieven, zodat het
waarschijnlijk een illegale inbezitname of ontginning is.
Perceel nr. 22 en nr. 23:
Perceel nr. 22 en nr. 23
worden in 1728 genoemd in een lijst van percelen die vanaf 1657
van de gemenene gronden gekocht of ingenomen waren, en waaruit
nog geen belasting betaald werd. Dit uitgiften van deze perceel
werd niet teruggevonden in de Veghelse archieven, zodat het
waarschijnlijk illegale inbezitnames of ontginningen zijn.
De rest van het gebied:
Tussen het gebied dat volgens deze reconstructie in 1446
uitgegeven is en het gebied dat in de achtiende en negentiende
eeuw uitgegeven werd, lagen een aantal percelen, samen ongeveer
4 1/2 bunder groot, waarvan we mogen aannemen dat die in de
tussenliggende periode uitgeven waren.
Hiervan waren perceel nrs. 18-20 rond
1700 mogelijk in dezelfde handen. Perceel nr. 20 heette het
Nieuwlandt en was in 1702 al in particuliere handen.
Perceel nr. 10 en nr. 21 heetten het
Klooster en waren in het begin van de achttiende eeuw in
dezelfde hand. Onder de eigenaren bekend vanaf 1714 komt geen
klooster voor. De naam Klooster kan ook een omsloten perceel
betekenen.
Perceel nr. 8 lag in 1722 aent Out
Erff. Dat Out Erff was perceel nr. 7. Perceel nr. 7 en nr. 8
waren rond 1700 waarschijnlijk van dezelfde eigenaar.
Uit deze gegevens is niet meer te
concluderen dan dat het gebied in de periode 1446-1702 in bezit
genomen is. We hebben de uitgiften van deze percelen niet
teruggevonden in de Veghelse archieven of in de cijnsregisters, zodat het
waarschijnlijk illegale inbezitnames of ontginningen zijn.
|