|
Naam:
|
Burgers beemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Hoy
agter Ham Burgers beemt [GVEI2-31v (1778)]; burgers
beemd [V.]; D 261 (ho: 30.80). |
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Afgeleid van persoonsnaam. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 7 |
|
Opmerkingen:
|
- |
|
Naam:
|
Bussele |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert dit toponiem op meerdere plaatsen
in Veghel. |
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Deze
percelen zullen oudtijds met geboomte of kreupelhout
begroeid zijn geweest of in de nabijheid van dergelijke
percelen gelegen zijn geweest. Bussele is diminutief van
bos (M. Top. Valk.).
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
Het gaat hier over uit bos ontgonnen percelen. Na de
middeleeuwen resteerde er weinig bos in Brabant. De
ondergang van de bossen is toe te schrijven aan te
intensief gebruik voor houtkap en bosweide en
ontginningen voor agrarisch gebruik. Uit andere
toponymische elementen blijkt dat er vroeger
aanmerkelijk meer bos voorkwam, bv. de vele lo-, hout-,
laar- en woud- namen. Het element ‘bos’ is vermoedelijk
van later datum dan de eerder genoemde ontginningsnamen
en behoort tot een jongere namenlaag. Het diminutief is
‘bussel’ of ‘busselke’, wat overigens eerder lijkt te
verwijzen naar percelen hakhout of geriefhout dan naar
kleinere bosontginningen. ‘Bus’ is te beschouwen als een
meervoudsvorm. Na de 13de eeuw gaat bos de
oude elementen ‘lo’ en ‘hout’ min of meer vervangen. Het
heeft oorspronkelijk meer betrekking op (laag)
struikgewas. In het mnl. kennen we ‘bosch/busch’ =
struikgewas, vnl. braambos en vlierbos, maar ook hoger
geboomte.
Gijsseling 1954; Buiks 1969:69; Moerman 1956:40; de Bont
1993:86.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 13, 21 |
|
Opmerkingen:
|
- |
|
Naam:
|
Groote Beemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze veldnaam op Zijtaart en op
het Ham.
De
groote beemt, ham [RAV-158 (1738)]; D 739,799,818, 819
(ho: 2.50.10).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Beemd was en is nog steeds de gangbare naam voor
hooiland. (MM.) |
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 2, 8, 16, 17 |
|
Opmerkingen:
|
Hier lagen een Grote en een Kleine Beemt bij elkaar. |
|
Naam:
|
(op, agter) ‘t Ham |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Quondam manso dicto vulgaris hamme [GVIE2 (1368)]
in
parochia de vechel in locum dictum op den ham Godefridi
de Erpe [GVIE2 (1391)]
de
hoeve 't goet te ham in Vechel [BP1184-100 (1405)]
hoeve op hamme [BP1437-53v (1438)]
hoeve hamme [GVE2-39 (1500)]
sijn
lant op ham [GVE15-8 (1624)]
1/3
beemt agter ham, twee karre hoijgewas [GVE12-128v
(1777)]
op
ham [kad. (1832)];D 866-984
het
ham in de nieuwe veldjes [N. (1891)]; D 1026, 1027 (b:
66.70).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Gebied aan de noordzijde van de Zuid- Willemsvaart,
grenzend aan Erp. 't Ham is een groot stuk grond in
Veghel. Als toponiem is het gebruikelijk voor spits
toelopende percelen. Dit is in ons geval niet meer na te
gaan. De grenzen van 't ham zijn wel zo vaag, dat
niemand meer precies weet, waar het begin en waar het
einde is. het is een buurtschap. Ook in de hydronymie
komt het woord voor. De naam Hemelrijk kan een
volksetymologische vervorming zijn van 'heem, grens (Lindemans
1928, -150) en rike, gebied, of van ham, hemmekin, inham,
afgeperkt of omheind stuk grond (Frans Claes, Naamkunde
1987 -69).
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
ex manso op ham (1391, Schriften Smulders)
Ham afgeleid van ‘hamma’ betekent: landtong uitspringend
in een inundatiegebied. Het kan ook een bocht in de
rivier zijn. De meanderende (grens)rivieren vertoonden
veel bochten en kronkels en de naamgeving ging over op
tegen de rivier aanliggende gras- en hooilanden of
beemden [redactie]. Men dient ook rekening te houden met
de familienaam van den Ham en Hammen. Hamsvoort en
Hamsfort [in Middelrode verbasterd tot Haffert] kan een
voorde zijn bij een inham van de beek. Verwant aan dit
element, maar niet voorkomend in de cijnskringregio, is
het woord ‘hem’ = hoek aangeslibd land, weiland in een
rivierbocht of aan een water. De oorspronkelijke
betekenis van ‘ham’ en ‘hem’ is omheind stuk land, af te
leiden van het ww. hemmen = hinderen.
Gijsseling 1954; v.Berkel & Samplonius 1989:80.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 1-8, 10-12, 16-21 |
|
Opmerkingen:
|
Ik sluit me aan bij de verklaring gegeven door Beijers
en Van Bussel.
|
|
Naam:
|
Jan Joris Camp |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Eenen acker teulland, canten, houtwas en geregtigh. te
Veghel op Ham, genaamt Jan Joris camp, groot ontr. 5 I
[RAV1l2-286v (1800)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging op het Ham. het eerste lid is een
persoonsnaam. |
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 20, 21 |
|
Opmerkingen:
|
-
|
|
Naam:
|
Kackart, Kakkert |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Halven hooijbemdt genoemt den kaeckert, groot ontrent
twee karren hoijgewas, een eijnt de gemeijne Aa [RAV60
(1667)]
kakckert, Ham [RAV158-127v (1733)]
beemt in kackart [GVE12-116 (1778)]
de
kakkert [N (1838, 1860)]; D 811 (ho: 1.13.60), 816 (ho:
76.20)
de
helft van een hooibeemd genaamd de kakkers te Veghel op
het Ham [N (1848)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging in de Hamse beemd. J. Lindemans brengt kaak -
geen ongewoon element in de
toponymie - in verband met mndl. cace, caec "wang" in
toponiemen met de overdrachtelijke betekenis van "verhoogde
berm, zijkant". Cfr. Lindemans (1930, 1940a, 1951a: nrs.
666, 31, 377). Zie in dit verband ook de Brouwer
(1965-68). De betekenis van cacker/cackart (personijicerende
afleiding van mnl. cace) is dan: beemd met verhoogde
bermen of zijkanten i.c. voor een perceel aan een
waterloop (M. Top. Overpelt, -185).
|
|
Verklaring door Beijers en Van Bussel:
|
Binnen elke jurisdictie was in het verleden een kaak of
schandpaal, meestal opgesteld midden in het centrum.
Daar werden misdadigers terechtgesteld of ‘aan de kaak
gesteld’, ‘ten exempele van allen’. In de middeleeuwen
sprak men van iemand ‘op die kaecke setten’, omdat zich
bij elke kaak een plateau bevond waar men iemand op kon
zetten en vastbinden. Het element ‘kaak’ kan overgegaan
zijn op bij de kaak liggende percelen.
Beijers 1983 dl.3:1.
|
|
Ligging:
|
Perceel nrs. 7, 9-15 |
|
Opmerkingen:
|
Ik sluit me aan bij de verklaring gegeven door
Cornelissen. Die van Beijers en Van Bussel is hier niet
van toepassing.
|
|
Naam:
|
Cleijn Beemtje |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Cornelissen signaleert deze valdnaam op Zijtaart en op
het Ham.
In
de cleijnen beemt agter Ham [GVEI2-164 (1778)]; den
kleinen beemd [N (1830, 1847,
1848, 1884)]; A 741 (ho: 15.40), D 394, 837 (ho: 83.60).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Beemd was en is nog steeds de gangbare naam voor
hooiland. (MM.) |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 4 |
|
Opmerkingen:
|
Hier lagen een Grote en een Kleine Beemt bij elkaar. |
|
Naam:
|
Roijsen Beemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Hoy
agter ham roysenbeemt [GVEI2-295 (1777)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging nabij het Ham. Het eerste lid zal hier
de genitief van een persoonsnaam zijn v. Rooy. Gezien de
ligging lijkt afleiding van St.Oedenrode (Rooy) niet
voor de hand liggend.
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 3
|
|
Opmerkingen:
|
Een aantal eigenaars van deze beemd kwamen uit Rooi
(Sint-Oedenrode). Vergelijk met de nabij gelegen
Schijndelse Beemt, die eigenaren uit Schijndel had.
|
|
Naam:
|
Schijndelse Beemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
Schijndelse beemt [GVIIE13 (1792)]; schijndelschen beemd
[N (1838)]; D 820 (ho:
1.91.10).
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Ligging in de hamsebeemd, tevens onbekende ligging nabij
de Beekgraaf Het eerste lid zal de genitief zijn van
een persoonsnaam vgl. Adrianus van Schijndel, 1833 (Kl.Bev.
V.). Benoeming naar de ligging kan hier uitgesloten
worden geacht wegens de te grote afstand ten opzichte
van de grens met Schijndel.
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 18 |
|
Opmerkingen:
|
Een aantal eigenaars van deze beemd kwamen uit
Schijndel. Vergelijk met de nabij gelegen Roijsen Beemt,
die eigenaren uit Sint-Oedenrode had.
|
|
Naam:
|
Wemmers Beemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
In
peter wemmers beemt agter ham (havelt) [GVE2-82 (1702)].
|
|
Verklaring door Cornelissen:
|
Onbekende ligging in de nabijheid van het Ham. Het
eerste lid is een persoonsnaam. |
|
Ligging:
|
Perceel nr. 3 |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar een eigenaar van vóór 1702.
|
|
Naam:
|
Willem Tomas Beemt |
|
Vermeldingen door Cornelissen:
|
- |
|
Verklaring door Cornelissen:
|
-
|
|
Ligging:
|
Perceel nr. 1 |
|
Opmerkingen:
|
Genoemd naar een eigenaar van vóór 1702.
|
|