|
Vanaf 1190
betaalden lieden die een perceel van de gemeenschappelijke grond
voor eigen gebruik kochten daarvoor een jaarlijkse cijns aan de
landsheer. In 1314 gaf de hertog van Brabant deze cijnzen (met
uitzondering van de hoendercijnzen) aan de Heer van Helmond.
Cijnzen voor nieuwe uitgiften na 1314 inde de hertog hierna weer
zelf. De in het hertogelijk cijnsboek van 1340 vermeldde
hoendercijnzen werden dus betaald voor in de periode 1190-1314
uitgegeven percelen.
Onder de
cijnzen die in Sint-Oedenrode aan de hertog van Brabant betaald werden, bevindt zich een
cijns die in het hier besproken gebied
gesitueerd wordt. Het betreft een cijns van 3 hoenderen voor 1 ½
bunder die in 1190-1340 van de gemene gronden uitgegeven werd. De oudste gegevens zijn:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Deel 1:
Van erfgoed in Eerde, belast met een cijns aan de hertog
van Brabant van 1 hoen
|
|
|
Ancelinus, zoon van Henricus van den Wyel
|
Vermeld in 1340 |
|
Tussen 1352 en 1380 werd deze cijns in 2 delen gesplitst:
|
|
|
Deel 1a: (1/2 hoen)
|
|
|
Ancelinus, zoon van Henricus van den Wiel
|
Vermeld in 1380 |
|
Henricus van de Rijt, genaamd van Mierle
|
Verwerving in 1380-1418 |
|
Deel 1b: (1/2 hoen)
|
|
|
Henricus van de Rijt, genaamd van Mierle
|
Vermeld in 1380 |
|
Heylwig, weduwe van Henricus van Mierle
|
Vererving in 1380-1418 |
|
Deel 2:
2 hoenderen
|
|
|
Nycholaus, zoon van Emondus
|
Vermeld in 1340 |
|
Henrcius van Mierle
|
Verwerving in 1380-1418 |
|
Deel 1 + 2:
3 hoenderen
|
|
|
Rover, zoon van Henricus van de Rijt
|
Verwerving in 1392-1418, vermeld in 1418 |
|
Henricus, Roverus en Johannes, kinderen van Rover, zoon
van Henricus van de Rijt
|
Vererving in 1418-1452 |
|
Henricus Roverus
|
Verwerving in 1418-1452 |
|
Henricus, zoon van Henricus van der Hagen
|
Verwerving in 1418-1452 |
|
Katharina, weduwe van Henricus, zoon van Henricus van
der Hagen
|
Vererving in 1418-1452 |
|
Johannes van Hedel
|
Verwerving in 1418-1452 |
|
Willen die Jonge
|
Verwerving in 1418-1452 |
|
Anthonia, weduwe van Willem die Jonge
|
Vererving in 1418-1452 |
|
Nicolaus Pa(..)lin
|
Vermeld in 1452 |
|
Cristina, weduwe van Nicolaus Pa(..)lin, met haar zoon
Johannes
|
Vererving na 1452 |
|
De 3 kinderen uit het eerste huwelijk en de 2 kinderen
uit het tweede huwelijk van Cristina, weduwe van
Nicolaus Pa(..)
|
lin Vererving na 1452 |
In
het Rooise cijnsboek van 1646-1697 vinden we deze cijns in vier
delen terug:
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Vuyt ontrent 13 lopens ackerlants ende weylants genoemd
den Camp, gelegen onder Roy aent Eerde
-
e.z. en e.e.: “aen de Schyndelse straete”
-
a.z.: Denis, zoon van Jan Denis en Anthonisken, dochter
van Geraert Laureynssen
-
a.e.: haar eigen erf en Anthonisken, dochter van Geraert
Laureynssen
Lasten:
-
een cijns aan de domeinen van ¾ hoen, omgerekend: 0-3-12
|
SO Hg-19 (1646)
|
|
Catharina, weduwe van Lucas, zoon van Henrick Denis, met
haar kinderen Jan, Henrick en Goyaert, wonende onder
Schindel aent Eerde
|
Vermeld in 1646 |
|
Jan, Henrick en Goyaert, kinderen van Lucas Henrick
Denis
|
Vererving in 1646-1697 |
|
Goyaert Lucas Henrick Denis
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Lucas en Henrick, kinderen van Goyaert Lucas Henrick
Denis
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Lambert Janssen Hendricx (1/2) en Peter Ariens (1/2)
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Vuyt ontrent 7 lopens ackerlant genaamd de Hoeve gelegen
onder Roy in Eerde
-
e.z.: Meester Rogier van Griensven
-
a.z. en e.e.: Cathelyn, weduwe van wylen Lucas, zoon van
Henrick Denissen
-
a.e.: Anthonisken, dochter van Gerart Laureynssen
Lasten:
-
een cijns aan de domeinen van ¾ hoen, omgerekend: 0-3-12
|
SO Hg-20 (1646)
|
|
Denis, zoon van Jan Denis Peters de Molder tot Schijndel
|
Vermeld in 1646 |
|
Jenneken, weduwe van Denis, zoon van Jan Denis Peters,
met haar 5 kinderen
|
Vererving in 1646-1697 |
|
Lijsken, dochter van Denis, zoon van Jan Denis Peters
|
Deling in 1646-1697 |
|
Maria, dochter van Lijsken, dochter van Denis, zoon van
Jan Denis Peters
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Vuyt huys, schuer, hoff en aengelegen erffenis, groot
ontrent 10 lopens, gelegen in Eerde
-
e.z.: Meester Rogier van Griensven
-
a.z. en e.e.: Cathelyn, weduwe van wylen Lucas, zoon van
Henrick Denissen
-
a.e.: “aen de gemeyn straete”
Lasten:
-
een cijns aan de domeinen van ¾ hoen en ½ hoen,
omgerekend: 0-6-9
|
SO Hg-21 (1646)
|
|
Anthonisken, dochter van Geraert Laureynssen, verwekt
bij Peterken, dochter van Denis, zoon van Peter Denis de
Molder
|
Vermeld in 1646 |
|
Marten Aarts, getrouwd met Anthonisken Geraert
Laureynssen
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Mathys Henrick Mathys Alberts (1/12 deel) en Jan Jacob
Clercx (11/12 deel)
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Aelken, weduwe van Jan Jacob Clercx met haar 5 kinderen
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Jenneken en Willemken, kinderen van Jan Jacob Clercx
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Jenneken, dochter van Jan Jacob Clercx
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
De 2 kinderen van Jenneken, dochter van Jan Jacob Clercx
|
Vererving in 1646-1697 |
|
Andries Janssen
|
Verwerving in 1646-1697 |
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Uyt een stuck ackerlants genoemd de Kimissenecker, groot
ontrent 2 lopens, gelegen in Eerde
-
e.z. en e.e.: “aen de gemeyn straete”
-
a.z.: Denis, zoon van Jan Denis
-
a.e.: Jan, zoon van Dierck Willems tot Vechel
Lasten:
-
een cijns aan de domeinen van ¼ hoen, omgerekend: 0-1-4
|
SO Hg-22 (1646)
|
|
Geertruyt, dochter van Geraert Laureynssen, verwekt bij
Peterken, dochter van Denis, zoon van Peter Denis de
Molder
|
Vermeld in 1646 |
|
Mathijs, zoon van Henrick Mathijs Eberts
|
Vererving in 1646-1697 |
|
Jan Jan Aerts van Schijndel
|
Koop in 1646-1697 |
|
De 2 kinderen van Jan Jan Aerts van Schijndel
|
Vererving in 1646-1697 |
|
Grietien Jan Arts
|
Deling in 1646-1697 |
Percelen werden uitgegeven tegen een cijns van 2 hoenderen per
bunder, zodat we weten dat er in 1190-1340 een perceel van
anderhalve bunder uitgegeven is. Waar lag dat perceel? De
veertiende en vijftiende eeuwse gegevens vermelden alleen dat
dit perceel “in Eerde” lag.
Omdat we geen namen van cijnsbetalers vonden van na 1697 en de
namen in de verpondingsregisters niet verder teruggaan dan rond
1720 geven ook de namen van de cijnsbetalers ons weinig
houvast. De enige naam die in beide bronnen voorkomt is die van
Andries Janssen die vermeld wordt in SO Hg-21 en in Hartveld,
perceel nr. 2. Daar is zijn erfgenaam Jan Rijnders die we ook
aantreffen bij perceel Hooge Akker nr. 24.
De
beschrijvingen van 1646 geven ons meer houvast. Hierbij moeten
we wel bedenken dat cijnzen konden verhuizen. Veelal bleven ze
wel op een perceel in dezelfde buurt liggen. In 1646 rustten de cijnzen op in totaal 4 bunder grond,
terwijl het oorspronkelijk uitgegeven perceel maar anderhalve
bunder groot was. Verder zijn er de volgende overwegingen:
-
De 4
percelen waarop de cijnzen in 1646 rustten lijken bij elkaar
gelegen te zijn en aan elkaar te grenzen. Dit maakt het
waarschijnlijk dat ook het oorspronkelijk uitgegeven perceel
daar ergens lag.
-
SO Hg-20
en SO Hg-21 grensden aan het goed van meester Rogier van
Grensven, dat is de Hartveldse Hoef.
-
SO Hg-19
grensde “aen de Schyndelse Straet”, dus aan de grens van Veghel
en Schijndel. We moeten de zijns dus zoeken bij Hooge Akker nrs.
1-3 en 24-29 of bij Hartveld nrs. 2-6
-
SO Hg-22
heette “de Kimissenecker”. Deze naam treffen we aan voor Hooge
Akker nr. 20 als “den Kemelssen Akker”.
-
SO Hg-19
heette “de Camp”. In andere bronnen vinden we deze veldnaam
vermeld voor Hooge Akker nrs. 9, 25 en 26.
-
SO Hg-20
heette de Hoeve, een naam die we aantreffen direct ten zuiden
van de Hartveldse Hoef.
De
conclusie is dat deze cijns gelokaliseerd kan worden direct ten
zuiden van de Hartveldse Hoef aan de grens met Schijndel. Het
oorspronkelijk uitgegeven perceel was anderhalve bunder groot en
kan geïdentificeerd worden als Hooge Akker nrs. 1-3 en 24-29.
|