Perceel nr
1: een cijns aan de hertog van Brabant:
Perceel nr.
1 werd tussen 1380 en 1392 van de gemeint uitgegeven. Vermoedelijk was dit perceel van 1380-1392 tot aan
1731 van dezelfde eigenaar als deel Keselaer, Perceel nr. 23.
Zoals wel vaker gebeurde is later is de grondcijns verschoven
naar het huiserf (deel Keselaer, Perceel nr. 23). De beschrijving: van 1646 in de cijnsregisters van de hertog
(Hg-31) geeft daarom de ligging van het huiserf aan. De
beschrijving vermeld daarbij wel de originele grootte van de
uitgifte: 2 lopens.
Perceel nr. 16:
Uit de Boschkamp
(perceel nrs. 16, 18 en 19) werden eertijds cijnzen aan de heer
van Helmond betaald. In de administratie van de heer van Helmond
van de 15de eeuw is dat nummer Hm-9. Later werd de
cijns in drie delen gesplitst (Hm-53, Hm-164 en Hm-177 in de
cijnsdministratie van de heer van Helmond). Twee van deze drie
delen beleven aan het oorspronkelijke perceel verbonden, Hm-177
verhuisde later naar een perceel aan de Sweenslag. De
oorsponkelijke cijns was 2 x 12 penningen, wat betekent dat het
uitgegeven perceel - omgerekend volgens de gebruikelijke norm –
2 bunder groot was.
In 1792 waren perceel nrs. 16, 18 en 19 samen 23
lopens groot. Het perceel was aan alle kanten omgeven door
gemene gronden. De kans dat een dergelijk perceel vergroot is,
is groter dan een perceel dat slechts aan een kant aan de gemene
gronden grenst. De uitbreiding kan geleidelijk en misschien
tersluiks gebeurd zijn (bijvoorbeeld door er af en toe een voor
bij te ploegen). Het kan ook om formele uitgiften gaan die niet
geregistreerd zijn. In de Veghelse schepenprotocollen vanaf 1529
staan de meeste uitgiften keurig geadministreerd, maar oudere
protocolleen ontbreken, terwijl we ook al eerder kleine percelem
uitgegeven zijn. Op 20 november 1379 kregen de lieden van Veghel
immers het privilege om percelen kleiner dan 1 lopens uit te
geven zonder daarvoor toestemming te hoeven vragen, en zonder
dat daarvoor een cijns betaald hoefde te worden.
Dat deze
verklaring niet te ver gezocht is, laat de Herculesacker zien (Oliemolen,
perceel nrs. 20 en 22). Ook dat was een in 1190-1314 uitgegeven
kamp die aan alle kanten door de gemene gronden omgeven was. Het
oorspronkelijk uitgegeven perceel was 2 lopens groot. In 1792
was dat goed 6 lopens.
|