|
1. Perceel
nr. 6
Cijnzen aan de heer van
Helmond werden betaald voor percelen die in de periode 1190-1314
van de gemene gronden aan particulieren verkocht zijn. Op
perceel nr. 6 rustte eertijds zo'n cijns.
Hm-164 en Hm-165 (oude nummering)
kregen in de administratie van de heer van Helmond vanaf de
zestiende eeuw samen nr. Hm-21 (nieuwe nummering). Deze cijns rustte in de
achttiende eeuw op perceel nr. 6. Volgens het maatboek van 1792
was dit perceel 2 lopens en 12 roeden groot.
Hm-164 was een cijns van 3
nieuwe penningen en Hm-165 van 9 oude penningen. Omgerekend
volgens de gebruikelijke norm betrof het percelen van samen 11 lopens
groot. De cijns rustte eerder dus op een
groter perceel. Zie verder hieronder onder paragraaf nr. 6
2. Perceel
nrs. 8, 3+10 en 15a
Hm-168, Hm-169 en Hm-170 (oude
nummering) worden hier in samenhang besproken. De drie cijnzen
vormden vanaf de zestiende eeuw samen samen Hm-91 (nieuwe
nummering). De opeenvolgende cijnsbetalers
tussen 1406 en 1542 zijn in onderstaande tabel gegeven.
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-168 (1406):
18 oude penningen uit het erfgoed van de kinderen van
Petrus van Keeldonc |
|
|
De kinderen van Petrus van Keeldonc |
Vermeld vóór 1406 |
|
Ancelinus, zoon van Danielis, zoon van Ancelinus
|
Vermeld in 1406 en in 1421 |
|
Henricus Boertmans, zoon van Danielis |
Vererving in 1421-1425 |
|
In 1425 wordt de cijns in 2 delen gesplitst.
|
|
|
Hm-168.1 (1425):
9 oude penningen |
Hm-191
Beukelaar, 8, 3+10, en 15a |
|
De 4 kinderen van Ancelinus, zoon van Danielis
|
Verwerving in
1425 |
|
Daniel, zoon van Boertmans
|
Vererving in 1421-1447 |
|
Daniel, zoon van Ancelinus Danielis
|
Vermeld in 1447 |
|
Wolterus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1447-1465 |
|
Hierna word Hg-168.1 samen met Hg-168.2 beschreven.
|
|
|
Hm-168.2 (1425):
9 oude penningen |
Hm-191
Beukelaar, 8, 3+10, en 15a |
|
Henricus Boertmans, zoon van Danielis
|
Vermeld in 1425 |
|
Daniel, zoon van Henricus Boertmans, zoon van Danielis
|
Verwerving in 1425-1447, vermeld in 1447 |
|
Wolterus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1447-1465 |
|
Hierna word Hg-168.2 samen met Hg-168.1 beschreven.
|
|
|
Hm-168.1 +
Hm-168.2:
18
oude penningen |
Hm-191
Beukelaar, 8, 3+10, en 15a |
|
Johannes Zuermonts, zoon van Wilhelmus
|
Verwerving in 1465-1498 |
|
Henricus, zoon van Judocus Mannaerts
|
Verwerving in 1465-1498 |
|
Margareta, weduwe van Henricus, zoon van Judocus Mannaerts
|
Vererving in 1498-1507 |
|
De 7 kinderen van Margareta, weduwe van Henricus, zoon van
Judocus Mannaerts
|
Vererving na 1507 |
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-169 (1406):
6 oude penningen uit het erfgoed van Arnoldus van den Hove
(de Atrio) |
Hm-191
Beukelaar, 8, 3+10, en 15a |
|
De kinderen van Wilhelmus Zuermonts en zijn vrouw Agnetis
|
Vermeld in 1406 |
|
Lambertus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1406-1421,
vermeld in 1421 |
|
De weduwe van Lambertus, zoon van Lambertus Cost
|
Vererving in
1421-1447 |
|
Lambertus, zoon van Lambertus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447 |
|
Wolterus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1447-1465 |
|
Johannes Zuermonts, zoon van Wilhelmus
|
Verwerving in 1465-1498 |
|
Henricus, zoon van Judocus Mannaerts Verwerving in 1465-1498
Margareta, weduwe van Henricus, zoon van Judocus Mannaerts
|
Vererving in 1498-1507 |
|
De 7 kinderen van Margareta, weduwe van Henricus, zoon van
Judocus Mannaerts
|
Vererving na 1507 |
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hm-170 (1406):
18 oude penningen uit het erfgoed van de kinderen van
Petrus van Keeldonc |
Hm-191
Beukelaar, 8, 3+10, en 15a |
|
De kinderen van Petrus van Keeldonc
|
Vermeld vóór 1406 |
|
Wilhelmus van den Hove (de Atrio), zoon van Johannes
Leenvolgher
|
Vermeld in 1406 |
|
Lambertus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1406-1421,
vermeld in 1421 |
|
Wolterus, zoon van Lambertus Cost
|
Verwerving in 1447-1465 |
|
Johannes Zuermonts, zoon van Wilhelmus
|
Verwerving in 1465-1498 |
|
Henricus, zoon van Judocus Mannaerts Verwerving in 1465-1498
Margareta, weduwe van Henricus, zoon van Judocus Mannaerts
|
Vererving in 1498-1507 |
|
De 7 kinderen van Margareta, weduwe van Henricus, zoon van
Judocus Mannaerts
|
Vererving na 1507 |
Verder dezelfde namen als
bij Hm-169, zie hier boven.
|
|
Hm-191 (nieuw) rustte op Beukelaar
percelen nrs. 8, 3 + 10a en 15a. Het totale cijnsbedrag was 42
oude penningen. Omgerekend volgens de gebruikelijke norm was het
oorspronkelijk uitgegeven perceel 42 lopens (5 bunder + 2
lopens) groot. Zo'n groot oppervlakte past niet in het hier
besproken deel. We gaan er van uit dat cijnzen nrs. Hm-168 (oud)
en Hm-170 (oud), allbei een cijns van 18 oude penningen, die
voor 1406 allebei betaald werden door de kinderen van Petrus van Keeldonc, oorspronkelijk elders thuis
hoorden. We plaatsen deze twee cijnzen op
Nederboekt,
perceel nrs. 19-23.
3. Perceel
nrs. 7, 13, 14, 15b en 17: cijnzen aan de heer van Helmond
Ook op perceel nrs.
7, 14 en 15b rustten eertijds enkele cijnzen aan de heer van
Helmond. In de administratie van de heer van Helmond vanaf de
zestiende eeuw hebben deze cijnzen nrs. Hm-43 en Hm-129. Ook op
perceel nr. 13 en 17 rustte een cijns aan de heer van Helmond.
Deze cijns heeft nr.
Hm-212 (nieuw). Al deze cijnzen komen voort uit Hm-154 (oude nummering).
Het cijnsbedrag van Hm-154 was 12 oude penningen + 18
nieuwe penningen. Omgerekend volgens de gebruikelijke norm
betreft het 3 bunder grond, die tussen 1190 en 1314 van de gemene gronden
uitgegeven werd. Deze cijns werd in 1436 in 6 delen gesplitst.
In de achttiende eeuw rustten de meeste van die cijnzen op
percelen in Beukelaar en Frankevoort. Omdat er geen plaats is
voor deze cijnzen in het hier besproken deel gaan we er in deze
reconstructie gaan we er van uit dat deze cijnzen oorspronkelijk
op percelen in Frankenvoort thuis hoorden. (Zie de
toelichting
op de uitgiften bij deel Frankevoort).
4. Perceel
nrs. 7, 14 en 15b: een cijns aan de hertog van Brabant
Tussen 1314 en 1314 werd een perceel
uitgegeven, belast met een cijns van 1 hoen aan de hertog van
Brabant (Hg-9). Omgerekend volgens de gebruikelijke norm was het
oorspronkelijk uitgegeven perceel 4 lopens groot. In de
achttiende rustte deze cijns op percelen nrs. 7, 14 en 15b. Het
deel dat op nr. 15b rustte verhuisde in de achttiende eeuw naar
perceel nr. 1. In onderstaande tabel zijn de cijnsbetalers tot
1542 gegeven.
|
Cijnsbetalers:
|
Transactie en datum: |
|
Hg-9 (1314-1340): een perceel uitgegeven belast met
een cijns van 1 hoen aan de hertog van Brabant
|
|
Henricus
Boertman |
Koop van de gemeente tussen 1314 en 1340, vermeld in
1380 |
|
Henricus,
zoon van Henricus Boertman
|
Verwerving in 1380-1392 |
|
Agnes,
dochter van Henricus Boertman |
Verwerving 1392-1418, vermeld in
1418 |
|
Theodoricus, zoon van Henricus Boertman
|
Verwerving in 1418-1443,
vermeld in 1450 |
|
Johanna,
weduwe van Theodoricus, zoon van Henricus Boertman
|
Vererving in
1450-1499 |
|
Petra,
dochter van Henricus Fanielis, Daniel, zoon van Loenis Boertmans
en de 9 kinderen van Gerardus, zoon van Henricus Boertmans (samen
½), en de kinderen van Petrus, zoon van Daniel Batenzoon, Bartel,
zoon van Agnetis Danielis, de 3 kinderen van Arnoldus Danielis,
Daniel, zoon van Theodoricus Danielis en Mechtold, weduwe van
Daniels (samen ½)
|
Verwerving in 1450-1499 |
|
Wolterus,
zoon van Rodulphus, zoon van Wolterus |
Verwerving in 1450-1499 |
|
De 2
kinderen van Wolterus, zoon van Rodulphus, zoon van Wolterus
|
Vererving in 1450-1499, vermeld in 1499 |
|
Heer
Gijsbertus van Erpe
|
Verwerving in 1499-1524 |
|
Henricus,
zoon van Andreas Wouterss
|
Verwerving in 1499-1524 |
|
Johannes,
zoon van Fredericus Henricsz |
Verwerving in 1499-1524, vermeld in
1542 |
5.
Perceel nr. 14
Op perceel nr. 14
rustte nog een andere cijns aan de heer van Helmond: Hm-72
(nieuwe nummering), voortkomend uit Hm-166 en Hm-167 (oude
nummering). Hm-166 (oud) en Hm-167 (oud) hebben vanaf 1406
dezelfde cijnsbetalers. De cijns is nooit gesplitst en er zijn
geen aanwijzingen dat de cijns ooit verhuisd is. De
cijnsbedragen waren:
Hm-166 (oud): 13
1/2 oude penningen en 1 nieuwe obol
Hm-167 (oud): 4
oude penningen te betalen uit het erfgoed van wijlen Henricus
Boertmans.
Omgerekend
volgens de gebruikelijke norm betrof het ongeveer 2 1/4 bunder
uitgegeven grond.
6.
Reconstructie
We koppelden de volgende cijnzen aan
de heer van Helmond en de hertog van Brabant aan percelen in het
hier besproken deel Beukelaar.
|
Perceel
nr.
|
Perceel
oppervlakte |
Oppervlakte van de oorspronkelijk uitgegeven percelen |
Periode
van uitgifte |
|
6 |
2 lopens + 12 roeden |
1 bunder + 3 lopens
|
1190-1314 |
|
8, 3+10, 15a |
9 lopens + 20 roeden
|
6 lopens
|
1190-1314 |
|
7, 14. 15b |
10 lopens + 20 roeden
|
4 lopens
|
1314-1340 |
|
14
|
2 lopens + 15 roeden |
2 bunder + 2 lopens |
1190-1314 |
|
Totaal: |
3 bunder + 1 lopens + 17 roeden |
4 bunder + 7 lopens
|
|
De oppervlakte van perceel nr. 14
komt redelijk goed overeen met het oppervlakte van het
oorspronkelijk uitgegeven perceel, berekend aan de hand van de
hoogte van het cijnsbedrag. Perceel nr. 6 is veel kleiner dan
het oorspronkelijk uitgegeven perceel, terwijl de andere
percelen groter zijn. Het totaal oppervlakte van de genoemde
percelen is 65 % van de oorspronkelijk uitgegeven percelen.
Het totaal oppervlakte van het hier besproken gebied (perceel
nrs. 1-13, min de 28 roeden die in 1625 uitgegeven zijn) is 5
bunder, 2 lopens en 34 roeden. Dat is 9 % groter dan het
oppervlakte van de oorspronkelijk uitgegeven percelen. Een
aantal (illegale dan wel legale) kleine uitgiften kunnen aan
onze aandacht ontsnapt kunnen zijn, Verder dienen we rekening te
houden met een marge in de nauwkeurigheid van de genoemde maten.
Op basis van deze overwegingen nemen we aan dat de genoemde
cijnzen het hier besproken gebied afdekten (afgezien van
mogelijk kleine latere uitgiften langs de randen).
|