Offeren - toelichting op de uitgiften
1.
Uit perceel nr. 4 werd eertijds een cijns aan de hertog van Brabant betaald van 1 1/2 hoenderen (nr. Hg-18). In deze reconstructie gaan we er van uit dat die cijns eertijds op percelen op de Stad hoorden. Zie de toelichting op de uitgiften bij Stad.


2.
Cijnzen aan de heer van Helmond werden betaald voor percelen die in 1190 van de gemeente verkocht waren. De volgende cijnzen aan de heer van Helmond zijn in verband te brengen met perccl nr. 18 en aangrenzende percelen.

 

Cijnsbetalers:

 

Transactie en datum:

Hm-157 (oud) 3 oude obolen uit de Davelaerse Hoef (manso de Davelaer), eertijds van Henricus van Hezelaer

 

Henricus van Hezelaer

Vermeld vr 1406

Albertus Zuermont met zijn zussen

Vermeld in 1406 en 1421

Wilhelmus, zoon van Albertus Zuermont

Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447

Hm-158 (oud) 2 nieuwe penningen uit het erfgoed van Johannes Persoons (Investitit) van Vechel, eertijds van Oda van Keulen (de Colonia)

 

Oda van Keulen

Vermeld vr 1406

Albertus Zuermont met zijn zussen

Vermeld in 1406 en 1421

Wilhelmus, zoon van Albertus Zuermont

Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447

Hm-159 (oud) 6 nieuwe penningen uit het erfgoed van Gerardus Rufus

 

Gerardus Rufus

Vermeld vr 1406

De kinderen van Johannes Zuermont

Vermeld in 1406 en 1421

Wilhelmus, zoon van Albertus Zuermont

Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447

Hm-160 (oud) 3 nieuwe oort uit huis en hof van wijlen Roverus Snijders (Sartoris)

 

Roverus Snijders (Sartoris) Vermeld vr 1406

 

Ghiselbertus, genaamd Stricappel Vermeld in 1406 en in 1421

 

Wilhelmus, zoon van Lambertus van Vorstenbosch Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447

 

 

Hm-177 (oud) 4 nieuwe penningen uit Druestuckel

 

Albertus Zuermont met zijn zussen

Vermeld in 1406 en 1421

Wilhelmus, zoon van Albertus Zuermont

Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447

Hm-157 (oud) t/m Hm-160 (oud) en Hm-177 (oud):

Hm-90 (nieuw)

Offeren 18

Hugo van Berkel, schoonzoon van Wilhelmus Zuermont

Verwerving in 1465-1507, vermeld in 1507

Nicolaus, zoon van Hugo van Berkel

Verwerving na 1507

Walravius, zoon van Walravius van Erp

Verwerving na 1507

De weduwe van Walravius Walravius van Erp met haar kinderen

Vererving na 1507

Joncker Walraven van Erp

Vermeld in 1599-1642

Dierck Anthonis Roeffen

Bijschrift in 1642-1714: “Dirck heeft dit goet gecocht van de weduwe van Walraven, soone Jonker Walraven van Erp, ende is ierst gecommen van Hugo van Berckel".

Koop in 1599-1642

 

 

Dierck Anthonis Roeffen is de laatste cijnsbetaler die in de cijnsboeken vermeld wordt. In de zeventiende cijnsboeken wordt het goed waar de cijns toen op rustte niet opnieuw beschreven. De oude bedragen werden toen opgeteld en samen omgerekend naar 0-2-8 (2 stuivers en 8 penningen). De cijns lijkt samengesteld uit verschillende tussen 1190 en 1314 percelen (samen 1 bunder, 3 1/2 lopens groot). In deze reconstructie wordt er vanuit gegeaan dat de percelen Hm-157 t/m Hm-160 (1 bunder en 1 lopens) in deel Stad of Frankevoort lagen, gezien de vermelding van de Davelaerse Hoef. Ook de oude nummering Hm-157 t/m Hm-160 sluit aan bij de cijnzen in die dat gebied.

 

Er zijn een aantal aktes gevonden die de reeks cijnsbetalers aan doet sluiten bij de eigenaren van perceel nr. 18. Deze aktes zijn bij perceel nr. 18 gegeven. Dus mogelijk rustte de cijns rond 1599-1642 op perceel nr. 18. Een van de cijnzen Hm-177 (2 1/2 lopens) zal gezien het toponiem Druestuckel oorspronkelijk in de buurt van Offeren of Hezelaer hezocht moeten worden. Ook sluit nummer Hm-177 aan bij de andere cijnzen in dit gebied. Zie toelichting bij Hezelaar.

 

3.
De volgende twee cijnzen aan Helmond worden in samenhang besproken: Hm-171 (oude nummering) en Hm-172 (oude nummering). De cijnsbetalers in de vijftiende en eerste decennia van de zestiende eeuw waren:


 

Cijnsbetalers:

 

Transactie en datum:

Hm-171 (oud) 2 nieuwe schellingen uit een akker genaamd Hoflaer:

 

 

Wilhelmus, zoon van Wautherus, als sterfelijk laat van de Tafel van de Heilige Geest

Vermeld in 1406

Rodulphus, zoon van Johannes van Boekelaer, als sterfelijk laat van de Tafel van de Heilige Geest

Volgt op in 1406-1421, vermeld in 1421

Daniel, zoon van Wilhelmus Danielis , als sterfelijk laat van de Tafel van de Heilige Geest

Volgt op in 1421-1447, vermeld in 1447

Wilhelmus, zoon van Ghysbertus van Dorhout, als sterfelijk laat van de Tafel van de Heilige Geest

Volgt op 1447-1465

In 1450 wordt de cijns verdeeld.

 

 

Hm-171.1 (oud) 1/2 nieuwe schelling:

 

Hm-74 (nieuw) Aan Beukelaars Steegd 26-28, 31, Offeren 5 en 6

Gerardus, zoon van Boertkinus Deenkinuss

Verwerving in 1450

De 8 kinderen van Gerardus Boertkinus Deenkinuss

Vererving in 1465-1498

Friso, zoon van Johannes de Vriese (Frisonis)

Verwerving in 1465-1498

Theodoricus, zoon van Theodoricus Georgiuss

Verwerving in 1465-1498

De 4 kinderen van Theodoricus, zoon van Theodoricus Georgiuss

Verwerving in 1465-1498

Hugo van Berkel, zoon van Nicholaus (1/2) en heer Nycholaus van Rosendael, sterfelijk laat voor het klooster van de Predikheren in Den Bosch (1/2)

Vermeld in 1507

Aelbertus, zoon van Hugo van Berkel, zoon van Nicholaus (1/2) en heer Nycholaus van Rosendael, sterfelijk laat voor het klooster van de Predikheren in Den Bosch (1/2)

 

Verwerving na 1507

Hm-171.2 (oud) (1/2 nieuw schelling):

 

Hm-213 (nieuw) Aan Beukelaars Steegd 19-21

Judocus, zoon van Henricus Mannarts

Verwerving in 1450

De weduwe van Judocus, zoon van Henricus Manarts met haar 3 kinderen

Vererving in 1450-1465, vermeld in 1465

Nicolaus, zoon van Nicolaus Molners (Multoris)

Verwerving in 1465-1498

Johannes van der Steen (de Lapide) van de Bosch (de Buscoducis)

Verwerving in 1465-1498

Vriso, zoon van Lambertus, genaamd Bathen

Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1507

Johannes, zoon van Rodolphus van den Horrick

 

Verwerving na 1507

Hm-171.3 (oud) (1 nieuwe schelling):

 

Hm-71 (nieuw) Aan Beukelaars Steegd 24

Batha en Elizabeth, natuurlijke kinderen van Johannes Johannes De Vriese (Frisonis) van Bokelaer

Verwerving in 1450, vermeld in 1465

Johannes, zoon van Lambertus De Vriese (Frisonis)

Verwerving in 1465-1507

Hermanus, zoon van Johannes Godefridus, genaamd Koytbrouwer

Verwerving in 1465-1507, vermeld in 1507

De weduwe van Hermanus Johannes Godefridus, genaamd Koytbrouwer met haar 6 kinderen

Verwerving na 1507

Arnoldus, zoon van Arnoldus de Vriese

 

Verwerving na 1507



 

Cijnsbetalers:

 

Transactie en datum:

 Hm-172 (oud):

- 3 oude penningen

- 13 oude penningen en 1 nieuwe obol

- 18 nieuwe penningen uit het goed van wijlen Johannes Persoons (Investiti) van Vechel, genaamd Hoflaer

 

 

Johannes de Vriese (Friso)

Vermeld in 1406

In 1411 wordt de cijns verdeeld.

 

 

Hm-172.1 (oud) 9 oude penningen uit het erfgoed van Johannes de Vriese (Frisonis):

Hm-35 (nieuw)

Offeren 18

Ermgardis, sochter van Wolterus van de Rullen

Verwerving in 1411

Arnoldus, zoon van Daniel Molners (Multoris)

Verwerving in 1411-1421, vermeld in 1465

Daniel, zoon van Arnoldus Daniel Molners (Multoris)

Vermeld in 1507
Heer Walravius van Erp

 

Verwerving na 1507

Hm-172.2 (oud) 7 oude penningen en 1/3 nieuwe obol uit Hoflair:

 

Hm-71 (nieuw) Aan Beukelaars Steegd 24

Johannes, zoon van Johannes De Vriese (Frisonis) van Bokelaer

Verwerving in 1411, vermeld in 1447

Batha en Elizabeth, natuurlijke kinderen van Johannes Johannes De Vriese (Frisonis) van Bokelaer

Verwerving in 1447-1465, vermeld in 1465

Johannes, zoon van Lambertus De Vriese (Frisonis)

Verwerving in 1465-1507

Hermanus, zoon van Johannes Godefridus, genaamd Koytbrouwer

Verwerving in 1465-1507, vermeld in 1507

De weduwe van Hermanus Johannes Godefridus, genaamd Koytbrouwer met haar 6 kinderen

Verwerving na 1507

Arnoldus, zoon van Arnoldus de Vriese

 

Verwerving na 1507

Hm-172.3 (oud) 7 oude penningen en 1/3 nieuwe obol uit Hoflair:

 

Hm-213 (nieuw) Aan Beukelaars Steegd 19-21

Heilwigis, dochter van De Vriese (Frisonis) de Boekelair

Verwerving in 1411, vermeld in 1421

Joest, zoon van Henricus Mannerts

Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1447

De weduwe van Judocus, zoon van Henricus Manarts met haar 3 kinderen

Vererving in 1447-1465, vermeld in 1465

Nicolaus, zoon van Nicolaus Molners (Multoris)

Verwerving in 1465-1498

Johannes van der Steen (de Lapide) van de Bosch (de Buscoducis)

Verwerving in 1465-1498

Vriso, zoon van Lambertus, genaamd Bathen

Verwerving in 1465-1498, vermeld in 1507

Hm-172.4 (oud) 7 oude penningen en 1/3 nieuwe obol uit Offelair:

 

Hm-74 (nieuw) Aan Beukelaars Steegd 26-28, 31, Offeren 5 en 6

Katharina, dochter van Vriese (Frisonis) van Boekelaer

Verwerving in 1411, vermeld in 1421

Gerardus, zoon van Boertkinus Denkenss

Verwerving in 1421-1447, vermeld in 1465

De 8 kinderen van Gerardus Boertkinus Denkenss

Vererving in 1465-1498

Friso, zoon van Johannes de Vriese (Frisonis)

Verwerving in 1465-1498

Theodoricus, zoon van Theodoricus Georgiuss

Verwerving in 1465-1498

De 4 kinderen van Theodoricus, zoon van Theodoricus Georgiuss

Verwerving in 1465-1498

Hugo van Berkel, zoon van Nicholaus (1/2) en heer Nycholaus van Rosendael, sterfelijk laat voor het klooster van de Predikheren in Den Bosch (1/2)

Vermeld in 1507

Aelbertus, zoon van Hugo van Berkel, zoon van Nicholaus (1/2) en heer Nycholaus van Rosendael, sterfelijk laat voor het klooster van de Predikheren in Den Bosch (1/2)

Verwerving na 1507

 

 

De omschrijvingen van Hm-171 (oud) en Hm-172 (oud) waren in 1406:

- 2 nieuwe schellingen uit een akker genaamd Hoflaer

- 3 oude penningen

- 13 oude penningen en 1 nieuwe obol

- 18 nieuwe penningen uit het goed genaamd Hoflaer

 

In de achttiende eeuw waren deze cijnzen verbonden aan de volgende percelen:

- Aan Beukelaars Steegd nrs. 19-21

- Aan Beukelaars Steegd nr. 24

- Aan Beukelaars Steegd nrs. 26-28, 31

- Offeren nrs. 5 en 6 (in de achttiende eeuw verhuisd van Offeren nr. 6 naar Hees nr. 7)

- Offeren nr. 18

 

Cijnzen verhuisden soms naar een ander perceel, het is dus niet zeker of de cijnzen in de achttiende eeuw nog op dezelfde percelen rustten als de oorspronkelijk uitgegeven percelen. Omdat de boeren de meeste grond kort bij huis hadden liggen, verhuidden de cijnzen bij verdelingen van goed meestal niet ver van het oorspronkelijke perceel vandaan.

 

 

Het bedrag 13 oude penningen en 1 nieuwe obol (deel van Hm-172 (oud)) komt overeen met het bedrag van een andere cijns aan Helmond, nr. Hm-166 (oud), die we lokaliseerden in deel Beukelaar nr. 14, dat is tegenover Offeren nr. 4 aan de overkant van de weg. Het is een zeldzame combinatie van bedragen en we nemen daarom aan dat deze twee cijnzen eertijds samen een cijns vormden, die al voor 1406 verdeeld is. Het deel van Hm-172 (oud) lokaliseren we bij Offeren nr. 4, een strook langs de weg (Offeren 2 en een deel van Offeren 4, 5 en 6). De cijns van 3 oude penningen kan hier ook thuis gehoord hebben.

 

 

We houden nog twee cijnzen over.

- 2 nieuwe schellingen uit een akker genaamd Hoflaer

- 18 nieuwe penningen uit het goed genaamd Hoflaer

Omgerekend volgens de gebruikelijke norm betrof het 3 1/2 bunder in 1190-1314 uitgegevn grond.

 

De veldnaam Hoflaer evolueerde naar Offeren en deze vinden we in de achttiende terug bij perceel Offeren nr. 9. We nemen aan dat het oorspronkelijk uitgegeven perceel Offeren nrs. 13, 15-23 en Hees nrs. 17-19 omvatte.


Kaart van Veghel     Offeren