Klopperdam - toponiemen

Naam:

 

’t Beemtje

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen signaleert deze veldnaam op meerdere plaatsen in Veghel.

 

Cornelissen:

 

Beemd was en is nog steeds de gangbare naam voor hooiland (MM.)

 

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

De belangrijkste varianten zijn bemt, be(e)mpt, bemdt en bampt. Sommige auteurs zien er een afleiding in van ban + made = banmade ofwel ‘het hooiland van de heer’. Het verschil tussen beemd en made is, dat een made langer gemeenschappelijk bezit is gebleven. Mogelijk moet ‘ban’ gezien worden als een verbod op toegang tot de beemd, die particulier bezit was. Beemden zullen aanvankelijk net als heidegronden gemeenschappelijk gebruikt zijn door de dorpsgemeenschap. Een term als ‘de gemeyn of gemene beemden’ kan hierop duiden. Het woord beemd verloor in de loop der eeuwen terrein op weide als gevolg van de verbterde ontwatering. In de late middeleeuwen nam de druk op de beekdalen toe.

 

Misschien dat vanaf de 11de - 12de eeuw grootschalige ontginningen in de beekdalen begonnen zijn, mogelijk ten gevolge van of in samenhang met de verplaatsing van de bewoning van de hogere gronden richting beekdalen. De beemden die ontstonden werden in de 12de en 13de eeuw als gemeenschappelijke hooi- en weilanden gebruikt. In de 14de en 15de eeuw werden ze in smallere stroken verdeeld die vaak loodrecht op een beek lagen geconcentreerd. Waarschijnlijk zijn de natste en laagste delen van het beekdal het laatst verbeterd. De drogere delen van een dergelijk dal, die via natuurlijke weg kunnen zijn ontstaan maar ook door menselijk ingrijpen (bv. bezanden, zand van het oude bouwlanddek in het beekdal schuiven of grasplaggen verplaatsen) zijn waarschijnlijk als eerste ontgonnen.

 

Op veel beemden was wegens de venige bodem geen beweiding mogelijk; het vee zou er diep wegzakken en zelfs het hooi moest wel eens op burries van het land gedragen worden. Een beemd, in het latijn pratum, is een natuurlijke weide bij een beek, vooral gebruikt voor hooiwinning. Een weide, pascua, aangeduid met de term ‘eeuwsel’, ligt over het algemeen hoger dan een beemd en wordt alleen gebruikt voor beweiding. Het is vaak een met hooizaad ingezaaide akker. Veel beemden stonden vanwege de hoge waterstand in het najaar, de winter en het voorjaar onder water, waardoor het gras o.a. zaar of zegge, aan de zurige kant was en als minderwaardig gold. Gewoonlijk werd het als hooi (beemdhooi) aan de paarden gegeven (perdshooi). Nadat de waterstand was verlaagd werden veel beemden op den duur geschikter voor permanente beweiding.

 

Evenals bij de akkernamen zien we bij beemdnamen samenstellingen met voor- en achtervoegsels, de diminutiefvormen en allerlei adjectiven. Ook persoonsnamen zijn in deze samenstellingen sterk vertegenwoordigd. (Gijsseling 1960; Lindemans 1940/1954; Smulders 1958:12; Gijs­seling 1954; Buiks 1990:51 en 229; de Bont 1969: III:15; Buiks 1983:15; de Bont 1993:93;  Weterings en Taat 1987:68.)

 

Ligging:

 

Perceel nr. 20

Opmerkingen:

 

-

 

 

 

 

 

Naam:

 

Dorshout

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Retro locum dictum Dorhout, campus hoge Dorhout [BPl176-366v (1385)]

 

in dat Dorhout aan die Aa [BP1197-86 (1426)]

 

scragenbeemt aen Dorhout [BP1268-37/37v (± 1500)]

 

int dorhout [HH-147 (1621-1691)]

 

het dornhout [Mrv91-12v (1719)]

 

hertgang Dorshout en Eerd [GVE12-185 (1778)]

 

het Dorshout [kad. (1832)];A 1008-1140

 

Dorhout bouwmanswoning etc. en arbeiderswoning genaamd Puttenburg, gelegen in de

Knokert, de Nieuwe Kopen, Amert, Dorshout de Putten [N (1852)]; A 803, 826-829, 872, 909, 910, 915, 916, 936, 937, 1093, 1100-1104, 1137, 1371-1464 (hu: 08.20; tu: 01.92; ho: 2.15.50; hh: 04.60; og: 74.60; b: 5.20.90; w: 5.72.83).

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Bekende buurtschap in Veghel, die zich vanaf de Oranjewijk noordelijk langs de Aa

uitstrekt, tot aan de Amert en de Knokert. Ook benaming voor een boerenwoning ter

plaatse (anno 1852). Anno 1927 was Dorshout bovendien de naam voor de huidige

N.C.B. -laan. Dorshout is een nog bekende naam. Het eerste element kan droog en dor

betekenen, maar ook dwars. Hout "bos" (M.Top. Valk. -110).

 

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

 

Hout, en op andere plaatsen in ons land ‘holt’, komt veel voor in toponiemen, zowel in nederzettings-, gehucht- als veldnamen. Men kan dan denken aan rooiingen van bossen van hoog opgaand hout. Vanaf de 13de eeuw zouden de hout- en lo-namen verdrongen worden door de bosnamen.

 

Buiks 1990: 86; Molemans 1976: 521; Buiks 1988 dl.24: 44; Buiks 1983 dl.4: 4; Verdam 1932: 260; v.Passen 1961; Buiks & Leenders 1993 dl.3: 225, dl.4:422.

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 2-12, 16-17, 20-23

Opmerkingen:

 

Het hele hier besproken gebied werd tot het Dorshout gerekend.

 

 

 

 

Naam:

 

Hoogen Acker

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen signaleert deze veldnaam op meerdere plaatsen in Veghel.

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Hoog: Gesubstantiveerd adjectief, benoeming naar de hoge ligging.

 

Akker betekende oorspronkelijk het gemeenschappelijke (cfr. gemene akker) landbouwland bij een nederzetting. Jonger is akker in de betekenis van “een perceel bouwland (uit deze complexen)”, vrijwel altijd in de vorm “bepalend bestanddeel + akker”, waarbij het eerste lid wijst op bezit, ligging, vorm, teelt, enz.

 

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

 

De oudste vermelding van ‘akker’ komt voor in het Fragmentum Bladiniense uit de 9e eeuw. Akker wordt geïnterpreteerd als: bouwland behorend bij de dorpsgemeenschap. Deze omschrijving slaat op de bekende dorpsakkers c.q. gehuchtakkers. Ook is gedacht aan de betekenis van ‘het omheinde veld’. Er wordt een verband verondersteld tussen frequentie van akkernamen en bevolkingsdichtheid in het oude Toxandrië. Volgens Molemans zouden akkernamen het meest voorkomen op de oevers van de Weerijs met de zijbeken en langs de Dommel. In de zuidelijke Belgische Kempen ontbreken ze, maar ze worden wel aangetroffen in Belgisch Limburg. Het dichtstbevolkte deel van Toxandrië zou het noordoostelijk deel van de provincie Antwerpen en het aansluitend Nederlands territorium omvat hebben.

 

In de Baronie schijnen dorpsakkers en daarmee ook nederzettingen frequent te liggen langs Weerijs en Mark. Akker, kouter en es dekken aanvankelijk hetzelfde begrip, nl. het gemeenschappelijk ingesloten bouwland van een bevolkingsgroep.

 

In het oosten van Nederland kunnen twee hoofdgroepen in de bebouwingswijze onderscheiden worden, nl.: grote aaneengesloten akkercomplexen en kleine met bomen en akkermaalshout omgeven stukken akkerland in de vorm van ‘kampen’. Binnen de dorpsakkers waren geen heggen of wallen. De scheiding tussen de percelen moest met ploegvoren, scheikeien of bomen worden aangegeven. In Belgische toponymische studies over het zuiden van het oude hertogdom Brabant wordt regelmatig gesteld dat rond het gebruik van de dorpsakkers in de zgn. dorpskeurboeken regels waren opgesteld.

Akker­namen komen in de cijnskring Helmond frequent voor, zowel met voor- als achtervoegsels, met persoons-, flora- en faunana­men [re­dactie]. (Helsen 1952:127; Lindemans 1940-1954 dl.3; Gijsseling 1978, Buiks 1990:47; Helsen & Helsen 1978; De Vries 1958; Molemans 1977; Slicher van Bath 1944:2; Buiks 1983 dl.2:28)

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 11, 12, 14

Opmerkingen:

 

-

 

 

 

 

Naam:

 

Jenneke Jan Leesten Acker

Vermeldingen door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Cornelissen:

 

-

Ligging:

 

Perceel nrs. 8, 9

Opmerkingen:

 

Genoemd naar eigenares.

 

 

 

Naam:

 

Joffrouw van Deurne Acker

Vermeldingen door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Cornelissen:

 

-

Ligging:

 

Perceel nr. 7

Opmerkingen:

 

Genoemd naar eigenares. Ze was de weduwe van joncker Walraven van Erp.

 

 

 

Naam:

 

Cleijnen Kapelacker

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Hogen acker aldaer (over de Brugge) genaemt den c1eynen capel acker [GVEI2-202v

(1777)].

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Onbekende ligging nabij een der kapellen, Benoeming naar de oppervlakte.

Ligging:

 

Perceel nrs. 14.

 

Opmerkingen:

 

Deze akker zal eigendom geweest zijn van de kapel aan het Dorshout.

 

 

 

 

Naam:

 

Clopperdam, Klopperdams Beemt

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Clopperdam in Dorshout [Hs- (1675)]

 

hoy in clopperdam [GVE12-57 (1778)]

 

een hooijbeemd in 't Dorshout genaemt klopperdam [N (1815)].

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Onbekende ligging in het Dorshout. Het W.N. T. vermeldt voor klopper: I 2) persoon die

bij bekendmakingen op een bekken klopt, omroeper (W.N.T. -4361); 3) voorheen bij het

dijkwezen langs de Maas beoosten 's-Hertogenbosch. Beambte die bij zekere schouwen op

een dijkvak klopte, opdat degene die tot het onderhoud verplicht was, zich daarvoor

aansprakelijk zou verklaren; II 1) Klomp, holsblok. In Z. Ned. (W.N.T. -4362). Benoeming

naar een persoonsnaam ?

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 16-18

Opmerkingen:

 

Gezien de variant “Klopperdams Beemt” zal deze beemt naar een eignaar genoemd zijn.

 

 

 

 

Naam:

 

Omloop

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen plaatst deze veldnaam op De Bruggen. Er was een tweede “Omloop” in het hier besproken deel. Een vermelding van Cornelissen die daar op betrekking heeft:

 

hoy agter casteel den onloop [GVE12-202v (1777)];

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Mogelijk naar "omloop" in de betekenis a) eene uitgestrektheid die eene zekere ruimte inneemt of omvat, binnen zekere ruimte besloten is, "om" welke als het ware een kring "loopt" die er de grenzen van bepaalt, b) de omtrek van een kring of van eene ruimte, ofwel een weg of baan, langs den omtrek eener ruimte of in een bepaalden kring daarbinnen loopende (W.N.T. -394). Het perceel ligt (zeker indien het verbonden is geweest met een aangrenzend perceel, D 236) enigszins om een reeks andere percelen heen.

 

Ligging:

 

Perceel nr. 15

Opmerkingen:

 

Genoemd naar de vorm.

 

 

 

 

Naam:

 

Over d’ Aa

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen vermeldt alleen het leengoed Overaa (gelegen aan de Hoogeinde).

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Wellicht naar een ligging “over de Aa”.

 

Ligging:

 

Perceel nr. 13

Opmerkingen:

 

In dit geval betekent het dat de eigenaars aan de overkant van de Aa woonden, dus de kant waar de kerk stond.

 

 

 

 

Naam:

 

Schimmelaar

Vermeldingen door Cornelissen:

 

De schimmelaar aan de aa agter dorshout [RAV157-11v (1679)]

 

den schimmelaart van arien aart geerlings (dorhoudt) [GVE2-188 (1702)]

 

landt den schimmelaer int dorshout [GVE12-190v (1777)]

 

eenen beemt hoijlands gelegen agtert dorshout genaamt de schimmelaer off Jan Willemsbeemt, groot ontrent 4 karren hoy [RAV112-326v (1801)]

 

de schimmelaar [N (1838, 1840, 1841, 1893)]; A 1024 (b: 85.30), 1096 (ho: 44.90),

1098, 1099 (w: 1.02.70)

 

schimmelers beemd [V.-]; A 1094 (ho: 47.30)

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Ligging in het Dorshout. Benoeming naar een persoonsnaam. Of benoeming naar

"schimmelaar" in de betekenis van "klaplooper" (W.N.T. -690). Had de eigenaar een

slechte reputatie?

 

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

 

scymmelrot (1425, fiches collectie Smulders/Spierings )

 

In Schimmelrode is het 1ste lid onduidelijk; is het een persoonsnaam, het gerooid bos van een zekere familie Schimmel [redactie]? Of bestaat er een verband met ‘schom’. Schom-namen verwijzen naar hoger gelegen, droge en onvruchtbare gronden, vgl. schomme = onvruchtbare heidegrond. Er bestaat ook een etymologie die uitgaat van ‘schimmel’ als zijnde een draadvormige plant. Ook kennen we het mnl. ‘schime’ = schijnsel of glans in de betekenis van ‘het glanzende of wittige’. Valt hier te denken aan een bepaalde bodemstructuur of een landschappelijk restant na rooiing ? Verdam MW dl.7:629; v.Dale 1991:667.

 

Ligging:

 

Perceel nr. 21. Ook Dorhout, nrs. 1-3 en deel Kruisbroeders, nr. 1

Opmerkingen:

 

-

 

 

 

 

Naam:

 

Treuren, Treuren Acker

Vermeldingen door Cornelissen:

 

De treuren, dorshout [RAVI60-13 (1760)];

 

landt den treuren int dorshout [GVEI2-207v (1777)].

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Onbekende ligging in het Dorshout. benoeming naar een persoon lijkt waarschijnlijk vgl.

Hendrik Dirk Truren, 1702 (lijst jam. V.). Oj is er een samenhang met de slechte

"treurige" kwaliteit van de grond.

 

Ligging:

 

Perceel nr. 10

Opmerkingen:

 

De variant “Treuren Acker” doet vermoeden dat dit perceel naar een eigenaar genoemd is.

 

 

 

 

Naam:

 

’t Weyke

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Cornelissen signaleert deze velnaam op meerdere plaatsen in Veghel.

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Weiland

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

 

Weilanden lagen over het algemeen hoger dan beemden. Ze werden gebruikt voor beweiding, terwijl de beemden alleen gehooid werden. In tijden van hoge graanprijzen waren boeren geneigd hun grasland te ‘scheuren’ en graan te gaan verbouwen. Zo zou een toponiem als de ‘oude weide’ kunnen duiden op een stuk grond dat lang als weiland in gebruik was geweest, maar later werd ‘gescheurd’ om als bouwland dienst te doen. Weiden zijn meestal kunstmatig aangelegd in tegenstelling tot de beemden. Weiden werden ingezaaid met graszaad­hooi van onder de hooitas in de schuur, terwijl beemden een spontane vorm van vegetatie kenden.

 

Weilanden ontstonden ook op braakliggende akkers. Als er niet meer geploegd werd vestigden zich er vanzelf allerlei onkruiden. Na beweiding gingen op den duur de grassen overheersen en verkreeg men een dries. Buiks meldt dat de weiden vaak in dorpsakkers liggen aangezien het voormalige bouwlanden zijn. Het vee werd vroeger maar enkele uren per dag naar buiten gebracht. Het kon grazen op weilanden, wegbermen, spurrie- en klavervelden. Een ‘koehert’ paste op de koeien, zodat ze niet in akkergewassen kwamen en daar schade zouden aanrichten. In cijnsboeken en latijnse akten treft men de twee latijnse termen aan die het onderscheid aangeven tussen beemd en weide nl. ‘prato’ en ‘pascu­a’. Daarnaast kende men ‘agri’ = akkers, ‘terre mericales’ = heide­gronden, ‘terre paludiales’ = broekgronden.

 

Buiks 1990:160; Spierings 1984:189.

 

Ligging:

 

Perceel nr. 19

Opmerkingen:

 

 

 

Afkortingen Cornelissen     Afkortingen Beijers-Van Bussel     Kaart van Veghel     Klopperdam