Beukelaars Broek - toponiemen

 

Naam:

 

Int Beukelaars Broek

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Het beukelaarsbroek [kad. (1832)]; C 380-423

Verklaring door Cornelissen:

 

Groot voormalig heidegebied van Veghel tussen het Beukelaar en Hoogerduinen.

 

-Broek, eigenlijk moeras, sekundair (na ontwatering) ook (drassig) hooiland

 

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

Algemeen wordt aangenomen dat het een afleiding is van het germ. * brôka, wat staat voor moerassig en laag­gelegen land. Het komt in de cijnskring Helmond frequent voor zowel als element in diverse samenstellingen als in de namen van enkele hoeven die ‘ten Broeke’ worden genoemd.

 

Door geschikte afwateringsmethoden zijn veel broeken vanaf de middeleeuwen tot hooilanden omgevormd, vandaar de secundaire betekenis van laaggelegen hooilanden i.c. een ontwaterd moeras. De vroegere natte veen­gronden waren geschikt voor de klot- of turfwinning.

 

Onder ‘broek’ verstaat men nu de moerassige oevers van een riviertje met rijke onkruidvegetatie, vooral in het najaar, maar ook gedurende de winter en het voorjaar deels bedekt met water. Niet zelden groeiden er wilgen waarvan de tenen voor het maken van allerlei vlecht­werk werden gebruikt. De broekgronden hadden een economische waarde. (Gijsseling 1954; Molemans 1976:214; Buiks 1986 DL.19:14; Trommelen 1994:150.)

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 5-8, 14, 16, 18, 19, 29-32 en 39 lagen int Beukelaars Broek

 

Opmerkingen:

 

De naam Beukelaar wordt elders besproken.

 

 

 

Naam:

 

Den Beukelaarsen Dijk

Vermeldingen door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

Een dijk is meestal een iets verhoogde weg, vaak loodrecht op een beek of waterloop, maar ook wel dwars door de heide lopend. In Akkerdijk herkent men een dijk door een akkercomplex heen of langs een akkercomplex lopend. De Eikdijk zal een met eiken beplante dijk zijn. De dijken die meestal door de woeste gronden liepen moesten door de plaatselijke bevolking onderhouden worden. In de Baronie is het aantal dijknamen aanzienlijk. Het aantal straat-, weg- en steeg-namen is nog groter. Eenzelfde beeld treft men ook in de regio van de Helmondse cijnskring aan. Volgens Gijsseling wordt in bepaalde streken van België ‘dijk’ gebruikt in de betekenis van ‘gracht’. Soms wordt daar een dijk ook wel ‘dam’ genoemd, een verhoogde weg door drassige grond. (Buiks 1990: 138; Buiks 1990: 197; Buiks 1992: 36, Gijsseling 1954)

.

Ligging:

 

Perceel nr. 38 grensde aan den Beukelaarsen dijk

Opmerkingen:

 

Een dijk is een gebruikelijke aanduiding voor een weg door een nat gebied. Men groef twee sloten en hoogde de nieuwe weg of dijk daarmee op. De naam betekent “weg bij of naar het Beukelaar”. Dezelfde weg werd ook Bunderse Dijk en Udense DIjk genoemd.

 

 

 

 

Naam:

 

De Bundersen Dijk

Vermeldingen door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Cornelissen:

 

-

Ligging:

 

Perceel 39 grensde aan de Bunderse Dijk.

Opmerkingen:

 

Een dijk is een gebruikelijke aanduiding voor een weg door een nat gebied. Men groef twee sloten en hoogde de nieuwe weg of dijk daarmee op. De naam betekent “weg bij of naar de Bunders”. Dezelfde weg werd ook Beukelaarsen Dijk en Udense DIjk genoemd.

 

 

 

 

Naam:

 

De Bunderse Hoek

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Ad locum dictum den buenrenschen hornick [BP1266-74 (+/- 1500)]

 

van drije stucxkens nieuwt lant in den bundersen hoeck toebehoirende Henrick Gerits ende een stucxken teijnen ‘t heestervelt aen de varenb. [GVE15-133 (1624)]

 

roeffencamp in buenderse hoek [RA159-66v (1743)]

 

de bundersche hoek [kas. (1832)]; B 1274-1349

 

ter plaatse genaamd buendersschenhoek [N (1845); B 1318 (he: 9.63.10).

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Het gebied westelijk van de provinviale weg Eindhoven-Nijmegen, ongeveer vanaf hotel De Oude Barrière tot aan de Wethouder Donkersweg. Mogelijk is deze benaming afgeleid van het oude toponiem “de gemene bunders”. Deze kunnen waarschijnlijk ter plaatse gesitueerd worden.

 

Bunder(s): Algemeen voorkomende aanduiding voor vele percelen, verspreid over het veghelse grondgebied. Tegenwoordig benaming voor nieuwe wijk. “Bunder” heeft betrekking op [vooral sinds de 16e eeuw) verkochte gemeentegronden (M. Top. Valk.) en is een oude oppervlaktemaat, gelijk aan 1 hectare. Z.o. Keuren en breuken 1629, art. 81.

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 49 en 56-58 lagen aan de Bunderse Hoek

Opmerkingen:

 

Aan de noordzijde van Veghel, tussen de oude dorpskern van Veghel en Mariaheide lag een groot gebied dat vermoedelijk in de late middeleeuwen in regelmatige rechthoekige percelen en kavels van de gemeente verkocht werd. Deze rechthoekige percelen werden  “bunders” genoemd. Deze waren niet noodzakelijk allemaal 1 bunder groot.

 

Het maatstelsel dat in Veghel gebruikt werd, was als volgt:

 

          1 roede     = 20 voeten

          1 lopens    = 50 roeden

          1 bunder   = 8 lopens

 

In Veghel rekende men met de Bossche oppervlaktematen. Hierin was: 1 bunder = 1,324 hectare. In het begin van de negentiende eeuw is er een korte overgangstijd geweest, waarin men de nieuwe maten nog met oude namen aanduidde. Toen was:
 

          1 roede     = 1 are    

          1 bunder   = 1 hectare

 

 

 

Naam:

 

Heeren Veltje

Vermeldingen door Cornelissen:

 

-

Verklaring door Cornelissen:

 

-

Ligging:

 

Perceel 9 heette het Heeren Veltje. Van perceel 5-8 en 10 wordt gezegd dat deze percelen grensden aan het Heere veltje.

 

Opmerkingen:

 

Het perceel is genoemd naar een eigenaar. Het perceel werd in 1649 van de gemeente gekocht door Hanric Aerts van Cleeff. De familie Van Cleeff had als alias de naam Heeren.

 

 

 

 

Naam:

 

Het Leegveldje

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Deze veldnaam kwam in Veghel op verschillende plaatsen voor.

Verklaring door Cornelissen:

 

Benoemd naar de ligging.

Verklaring door Beijers en Van Bussel:

In de middeleeuwen was ‘veld’ het meest algemene woord voor ongecultiveerde of woeste grond. Dit ‘veld’ was toegankelijk voor het grazende vee. In hoofdzaak betrof het de open heidevlakte begroeid met erica = droge heide of met dop- of hommelheide = natte heide. De primaire betekenis is geweest: heide, onbebouwde vlakte. Onder een heideveld verstond men een perceel heidegrond in particulier bezit dat eens tot de gemeynt behoord had. Ons inventarisatieproject toont aan dat ‘veld’ in zeer veel combinaties voorkomt, vergelijkbaar met het element ‘akker’. (Buiks 1990:44; Gijsseling 1954:1;Mennen 1992:53; Molemans 1976:1588.)

 

Ligging:

 

Perceel nr. 12

Opmerkingen:

 

Betekenis: Laag gelegen veldje.

 

 

 

Naam:

 

Nijvelt

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Deze veldnaam kwam in Veghel op verschillende plaatsen voor.

Verklaring door Cornelissen:

 

Benoeming naar het (recente) tijdstip van ontginning.

Ligging:

 

Perceel nr. 7 en nrs. 16-17 worden zo genoemd.

Opmerkingen:

 

In plaats van “benoeming naar het (recente) tijdstip van ontginning” is het beter om te spreken van “benoeming naar het (recente) tijdstip van koop van de gemeente”. Sommige percelen bleven na koop nog lang onontginnen liggen.

 

Betekenis is Nieuw Veld. Perceel 7 en 16 zijn nieuwe erven uitgegeven in 1781. Perceel 17 in 1806.

 

 

 

 

Naam:

 

Udense dijk, Dijk naar Uden

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Udense dyk [GVEIIE13 (1792)]

 

aan den udensche dijk [kad. (1832)]; C 1-92

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Dit is de oude benoeming voor de weg naar Uden, tevens gebruikt voor een gebied aan de zuidzijde van de weg onder Mariaheide, vanaf de Goordonksedijk tot het gebied genaamd de Heiakker, “aan de Udense dijk”. Benoeming naar ligging.

 

Ligging:

 

Perceel nrs. 5-8, 14, 16, 18, 19, 26-28 grenden aan de Dijk naar Uden. Perceel nrs. 51-56 en 61 grensden aan de Udense Dijk.

 

Opmerkingen:

 

Een dijk is een gebruikelijke aanduiding voor een weg door een nat gebied. Men groef twee sloten en hoogde de nieuwe weg of dijk daarmee op. De naam betekent “weg naar Uden”. Er waren twee wegen die Udense DIjk genoemd werden (Zie kaart).

 

 

 

 

Naam:

 

Den Udense voetpat

Vermeldingen door Cornelissen:

 

Widerseyts den udense pad [GVE12-47 (1778)]

 

het udense voetpad in den bundersenhoek [N (1847)]’ B 1302-1304 (w: 1.02.10)

 

Verklaring door Cornelissen:

 

Ligging aan de norodzijde van de weg naar Uden; het begin ervan werd gevormd door de huidige Krayenhoffstraat. Benoeming naar de ligging.

Ligging:

 

Perceel 39-52 grensde aan den Udense Voetpad. Perceel 46 geeft een variant. Dat perceel grensde aan het Udensche Binnenpad.

 

Opmerkingen:

 

De naam betekent: pad naar Uden

 

 

Afkortingen Cornelissen     Afkortingen Beijers-Van Bussel     Kaart van Veghel     Beukelaars Broek